Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BRIEF LVIII EN LXII

gEUS, a quo sancta desideria, recta

jcónsilia, et justa sunt opera, da servis

jtuis illam quam mundus dare non j potest pacem, ut et corda nostra mani datis tuis. et. hostium sublata formj-

dine, tempora, sint tua protectione tranquilla.

„God, van wien zijn alle heilige wenschen, goede raadgevingen en rechtvaardige werken, geef Uwen dienaren dien vrede, dien de wereld niet geven kan, dat beide onze harten, in Uwe geboden, en onze tijden, in de afwezigheid van vrees voor vijanden, rustig mogen wezen onder Uwe Bescherming."

De verminking van dit groote Katholieke gebed in onzen Engelschen kerkdienst (even noodeloos als zinneloos, daar de zuivere vorm er van niets anders dan een volstrekt Christelijk gebed inhoudt en even geschikt is voor de meest stamelende Protestantsche lippen als voor Dante's) doodde geheel en al de zeer bepaalde beteekenis er van J) en liet enkel den vagen indruk van een verlangen naar vrede, ganschelijk ongeacht de voorwaarden. Want van de millioenen menschen die dit gebed minstens ééns in de week uitspreken, is er niet één op de duizend,

i) Daar in den zin „dat onze harten mogen gericht worden tot gehoorzaamheid" (gelijk zij vertaald hebben) — mist de gansche beteekenis van het tegenwegende zindeel in het origineel, — namelijk dat de Wet van God gegeven wordt tot een schild en troost der ziel tegen de geestelijke vijanden, gelijk de barmhartige engelen rondom ons legeren tot tegenweer tegen de aardsche.

Sluiten