Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Gezellen van St. George hebben gezworen zich te wachten voor elke bezoedeling door of toegevendheid jegens deze afgoderij, schrijvende en onderteekehende hunne onderwerping aan het Eerste en groote Gebod, door Christus aldus genoemd, — en aan het Tweede dat daaraan gelijk is.

En daar aan deze twee de gansche Wet en de Profeten hangt, beloven zij feitelijk gehoorzaamheid aan de gansche Wet, waarvan Christus toen sprak en geloof in alle Profeten van wie Christus toen sprak. Wat die Wet is, wie die Profeten zijn, — of zij enkel profeteerden „tot Johannes toe", dan wel of het gebod van Paulus aan alle levende Christenen: „Jaagt de liefde na, en ijvert om de geestelijke gaven, maar meest, dat gij moogt profeteeren", een klein belangrijk gebod is, dat de twee groote volgt, — kan ik u niet in één enkelen brief vertellen, zelfs al wist ik het heelemaal zelf. Gedeeltelijk weet ik het, — en kan het u leeren als ge werken wilt. Niemand kan u iets leeren dat het leeren waard is dan door handenarbeid; zelfs het brood des levehs kan alleen uit het kaf verkregen worden door „het met de handen te wrijven".

Gij belooft dus, dat gij ten minste trachten wilt deze beide geboden te houden — voor zoover, wat sommigen zouden noemen: de verdorvenheid, maar wat in eerlijke lieden is de zwakheid, van het vleesch het toelaat. Als gij geen uur kunt waken, omdat gij Christus niet genoeg liefhebt om u over Zijn angst te bekommeren, dan is dat uwe zwakheid ; maar als gij Hem eerst verkoopt en daarna kust, '■— dat is uwe verdorvenheid. Ik weet niet of ik u of mij zeiven wakker kan houden; maar wij kunnen ten minste een eind maken aan ons verkoopen en kussen. Weest zeker dat gij Christus dient totdat gij moe zijt en voor het oogenblik niet meer kunt: en dan, zelfs al hebt gij geen adem ge-

Sluiten