Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een wet van Wijsheid zijn, diefde meesters tenminste erkennen.

Beroept u dan op deze voor een zuivere beslissing, meest deugdzame meesters, al-genadig en al-wijs. Deze verworpenen, genadeloos en zinneloos, kunnen hun weg zelf niet vinden; gij moet hen leiden. Dat heb ik u jaren en jaren geleden al gezegd. Gij zult het moeten, ondanks al uw vrijheidskwakzalvers. Meesters moet gij zijn in daad, niet in naam.

Maar vooralsnog zijt gij blind, en drijvers — geen leiders — van de blinden, en gij moet nu de balken uit eigen oogen verwijderen, en dapper ook. Preekt iiw preek eerst tegen uzelf. Laat mij nog eens hooren hoe zij luidt tegen de werklieden. „O dwazen en ondankbaren", zegt gij, „gaven wij ééns u niet hooge loonen — zoo hoog zelfs dat gij u tevreden dooddronkt; en nu, o dwazen en ondankbaren, nu de tijd voor ons gekomen is om u lage loonen te geven, wilt gij nu ook niet tevreden doodhongeren ?"

Helaas, wolf-herders — dit is St. George's woord tot u:

„In uwen voorspoed gaaft gij dezen mannen hooge loonen, niet uit vriendelijkheid jegens hen, maar uit bedrijfs-naijver onder elkander. Gij liet toe dat de mannen hun loon in dronkenschap verkwistten. Gij póchtet op die dronkenschap bij monde van uwen minister van financiën, en in de kolommen van uw voornaamste dagblad, als een gewichtig teeken van den voorspoed van uw land. Gij hebt telkens en telkens verklaard, bij uitroep van al uw redenaars, dat gij zulk een overvloeienden rijkdom hebt, dat gij niet weet wat er mee te doen. Deze mannen, die den rijkdom voor u opgroeven, liggen nu, van honger omkomend, aan den rand der helle-afgronden die gij hen deedt gra-

Sluiten