Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De arbeid, verricht buiten het aantal overeengekomen uren per etmaal, wordt beschouwd als overwerk, hetwelk alleen kan verricht worden op verzoek van den beheerder en met toestemming van den arbeider.

2) Bij overeenkomsten met arbeiders in dienst van Spooren Tramwegondernemingen voor publiek verkeer in exploitatie, kan, voorzoover betreft diensten op den weg, de stations eh de treinen, een maximum werktijd van 12 uren per etmaal worden bedongen.

3) Bij overeenkomsten met arbeiders in dienst van Spoor- en Tramwegen zijn bedingen toegelaten, dat in buitengewone omstandigheden, bij ongevallen of ter verzekering van de veiligheid en de regelmatigheid van het verkeer, de arbeider verplicht zal zijn tot een langeren diensttijd, dan bepaald in alin. 1 en 2 van dit artikel, tegen een loon per uur gelijk aan 15/90, dan wel 15/120 van het contractueele dagloon al naarmate de bij de arbeidsovereenkomst vastgestelde diensttijd negen of twaalf uren bedraagt.

4) De tijd, noodig voor het rollen en indeelen van het werkvolk en tot het afleggen van den afstand van zijne woning tot op het werk, en omgekeerd van het werk naar de woning, wordt als arbeidstijd gerekend.

5) De arbeider is niet verplicht meer dan 6 achtereenvolgende uren te arbeiden. De rusttijd bedraagt ten minste 1 uur.

6) Bij den dienst van Spoor- en Tramwegen voor publiek verkeer in exploitatie kan hiervan, met toestemming van het hoofd van gewestelijk bestuur, worden afgeweken.

Artikel 19.

1) De arbeider is verplicht den bedongen arbeid geregeld en naar zijn beste vermogen te verrichten.

2) De arbeider is verplicht zich te houden aan de voorschriften omtrent het verrichten van den arbeid, alsmede aan die, welke strekken ter bevordering van de goede orde op de onderneming des werkgevers, hem door of namens den werkgever binnen de perken van wet of verordening, van overeenkomst of reglement gegeven.

3) De arbeider is in het algemeen verplicht al datgene te te doen en na te laten, wat een goed arbeider in gelijke omstandigheden behoort te doen en na te laten.

4) Behoudens het bepaalde in de volgende alinea mag de arbeider zich van de onderneming, waar hij werkzaam is, niet verwijderen zonder schriftelijke vergunnihg afgegeven door den beheerder of iemand door dezen daartoe aangesteld, be-

Sluiten