Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Raming van kosten.

Directe voordeden van hei kanaal.

Van een onder alle omstandigheden te stellen inundatie tot een peil van 6.60 -t- N. A. P. zal echter ook dan evenwel dus nog lang geen sprake kunnen zijn.

Zelfs het zooveel lagere kanaalpeil van 5.10 M. + N. A. P. komt, zpoals hiervoor reeds is gebleken, nog af en toe, zij het ook zelden en weinig, beneden de laagste rivierstanden en bij zulk een peil is van inundatie van de beschouwde kom in het geheel geen sprake meer en kan alleen naar de lagere kommen bij Amersfoort water worden toegevoerd.

Het punt van den Neder-Rijn, waar het water bij open rivier nimmer beneden een peil van 6.60 M. + N. A. P. daalt, vindt men eerst op 3 K. M. beneden Arnhem. Er valt echter niet aan te denken op dat punt het inundatiewater aan de rivier te ontleenen, omdat, gezwegen van de terreinomstandigheden, de toevoerleiding dan bijna 16 K. M. lang zou moeten worden en dus noodzakelijk toch weder aanmerkelijk vervalverlies zou doen ontstaan, terwijl buitendien de middelen voor het stellen van de inundatie zeer ver buiten het gebied van het verdedigingswerk zouden vallen. Wil men dus de kom altijd tot + 6.60 kunnen opzetten, dan blijft er niets anders over, dan in de rivier bij Wageningen of de Grebbe een stuw te bouwen.

Wat de inundatie in de Betuwe beoosten het Kanaal betreft, zoo blijkt uit een beschouwing van het lengteprofil op plaat 3, dat het laagste terrein ter plaatse van het kanaal ongeveer gelijk met M. R. in de Waal ligt en dat, naarmate men meer oostwaarts komt, het terrein zich meer en meer boven M. R. verheft. Ook hier dus zal van inundatie uit de Waal alleen bij standen boven M. R. sprake kunnen zijn.

De raming van kosten is gebaseerd op de normale prijzen die vóór den oorlog golden.

Voor wat het grondverzet betreft, is er rekening mede gehouden, dat zulks, waar de aard van den grond en de omstandigheden zulks toelaten, bij voorkeur middels zuig- en perswerktuigen zal geschieden.

Zooals uit bijlage C blijkt is voor ruim 40 millioen gulden een kanaal tot stand te brengen, dat aan zeer hooge eischen voldoet, en voor de naaste toekomst ook zal blijven voldoen.

Er moge nog in herinnering worden gebracht dat de kosten van het Merwedekanaal bijna 20 millioen gulden hebben bedragen. Tegenover de kosten van aanleg, staan de volgende directe voordeden. Ie. waarde van den tusschen Huizen en Muiden te vormen polder groot

1200 H. A f 2,500.000

2e. waarde van de nabij Veenendaal op te hoogen, en voor bouw- en industrie-terrein in te richten gronden. 300 a

375 H. A. . . . . - 13,500.000

3e. waardevermeerdering der landerijen, als gevolg van de verbetering in de afwatering, volgens door bevoegde beoordeelaars te laag geachte globale schatting .... - 2,000.000

te samen f 18,000.000

Bloemendaal, Maart 1919. W. B. van Goor.

Sluiten