Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het nieuwe wetboek van strafrecht. Deze artikelen luiden:

300. 1. Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden wordt gestraft:

lo. hij, die aan iemand, die in kenlijken staat van dronkenschap verkeert, opzettelijk bedwelmenden drank verkoopt of toedient; KC*

2o. hij, die een kind beneden den leeftijd van zestien jaren opzettelijk dronken maakt;

3o. hij, die iemand door geweld of bedreiging met geweld opzettelijk dwingt tot het gebruik van bedwelmenden drank.

2) Indien het feit zwaar lichamelijk letsel tengevolge heeft, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren.

3) Indien het feit den dood ten gevolge heeft, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren.

4) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet.

537. Hij, die buiten de militaire kantine aan een tot de landmacht behoorenden krijgsman beneden den rang van onder-officier of aan diens vrouw, kind of bediende sterken dank of gegisten palmwijn verkoopt of toedient, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie weken of geldboete van ten hoogste honderd gulden.

538. De verkooper van sterken drank of zijn vervanger die in de uitoefening van het beroep aan een kind beneden de zestien jaren sterken drank of gegisten palmwijn toedient of verkoopt, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie weken of geldboete van ten hoogste honderd gulden.

539. Hij, die ter gelegenheid van het in het openbaar aanleggen van feestelijkheden of volksspelen of het in het openbaar houdenopenbaar houden van optochten kosteloos sterken drank of gegisten palmwijn verkrijgbaar stelt dan wel als prijs uitlooft, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twaalf dagen of geldboete van ten hoogste vijf en "twintig gulden.

Aangaande de op alcoholische dranken betrekking hebbende fiscale bepalingen wordt het ondervolgende aangeteekend.

In Staatsblad 1898 No. 90 wordt de heffing van accijns op het Inlandsen gedistilleerd geregeld. In artikel 1 daarvan wordt bepaald, dat op Java en Madoera *) van het Inlandsch gedistilleerd een accijns wordt geheven naar den maatstaf van ƒ 50 per H.L. bevattende vijftig liters alcohol bij een temperatuur van 15° van de 100 deelige thermometer. Het bedrag van ƒ 50 werd bij Staatsblad 1915 No. 224 en 1921 No. 287 onderscheidenlijk gewijzigd in ƒ 75 en ƒ 150.

De voorloopig vastgestelde begrooting voor het dienstjaar 1922 houdt voorts rekening met een accijnsverhooging van 50%.

De Indische tariefwet van 1872 (Staatsblad 1873 No. 15) .stelde het recht op gedistilleerd per hectoliter vloeistof, bevattende 50% alcohol bij eene temperatuur van 15° C. — bij hoogere of mindere sterkte wordt de hoeveelheid herleid tpt een alcoholgehalte van 50% — vast op ƒ 40 of, ingeval het bedrag van den accijns, in Nederlandsch-Indië van

(*) Op de buitengewesten wordt geen accijns op gedistilleerd geheven, aangezien aldaar in nagenoeg alle gewesten geen stokerijen worden toegelaten. Voor het Ja va-gedistilleerd wordt daar invoerrecht betaald.

Sluiten