Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 11. Sociale maatregelen.

voege, dat naar eene vermindering van het aantal vergunningen worde gestreefd.

Ten vijfde acht de Commissie het noodzakelijk ten spoedigste over te gaan tot verzwaring van de strafmaat genoemd in artikel 538 van het wetboek van strafrecht betreffende den verkoop van sterken drank of gegiste palmwijn aan kinderen beneden de zestien jaren.

De Commissie meent, dat bovenvermelde maatregelen tot een vermindering van alcoholgebruik zullen leiden en den weg zullen banen, om, na verloop van een aantal jaren, zoo dit noodig en mogelijk mocht blijken, tot een geheele droogmaking van Indië over te gaan.

Mede oordeelt de Commissie het aanbeveling te verdienen dat, ten einde bij voortduring de aandacht van den wetgever op de alcoholbestrijding gevestigd te houden, in de desbetreffende wettelijke bepalingen vastgelegd worde, het gebod tot geregelde herziening b.v. telkens na 5 jaren van de in vorenstaanden zin in het leven te roepen voorschriften.

Reeds eerder gaf de Commissie in dit verslag uiting aan hare overtuiging dat, willen strenge regelingen betreffende drankbestrijding, a fortiori een drankverbod, effect sorteeren, hun bepalingen steun moeten vinden in de openbare meening. Is dit niet het geval, dan wordt het beoogde doel niet bereikt doordat op groote schaal ontduikingen niet zullen uitblijven, met als nadeelige gevolgen daarvan vermindering van het prestige van overheid en politie.

Intusschen wijst de Commissie er op, dat de bestaande strafbepalingen niet met de noodige gestrengheid worden toegepast en dat met name het optreden van de politie in deze zich meermalen door groote slapheid kenmerkt, zooals b.v. in de wijk Senen te Weltevreden bijna dagelijks kan worden waargenomen.

Ten einde de openbare meening in deze in gunstigen zin te beinvloeden, zouden van Regeeringswege eenige maatregelen van socialen aard kunnen worden genomen of bevorderd. Deze maatregelen mogen in de volgende § vermelding vinden.

Dat het alcoholvraagstuk h. t. 1. in een geheel ander stadium dan in de Europeesche landen verkeert, zal weinig betoog behoeven. Daar is inderdaad sprake van alcoholisme met al haar nasleep dronkenschap, gezinsverwoesting, verhooging van criminaliteit en tal van andere belemmeringen op den weg van volksverheffing en vooruitgang. In de Inlandsche maatschappij — deze moet toch in de eerste plaats bij al de te nemen maatregelen in het oog worden gehouden — is, afgescheiden van enkele plaatselijke excessen (vide het rapport — Engelenberg), van een geregeld, zelfs matig, gebruik van alcoholica geen sprake. Zijn onder de arbeidende klassen in Europa velen „gewoonte drinkers", onder de Inlandsche arbeidsklassen treft men alleen — en zulks in veel geringer getale — lieden aan, die slechts bij feestelijke of andere bijzondere gelegenheden gebruik maken van sterken drank.

Middelen, anti-alcohol propaganda beoogende, welke in Europa met succes zijn toegepast, zouden op grond van deze omstandigheid h. t. 1. weinig bestaansgrond vinden. Zij gaan immers langs het psyche der bevolking heen.

Men zal derhalve hier te lande een eigen wijze moeten

5

Sluiten