Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij hetzelfde besluit werden benoemd: tot Lid en Voorzitter: Mr. Dr. C. P. Zaaijer, Voorzitter van het Koninklijk Nederlandsch Landbouw Comité (Oud-Voorzitter van genoemd Comité sinds Juni 1919) te 's Gravenhage.

tot Leden:

J. J. Wester, Hoogleeraar aan de Veeartsenijkundige Hoogeschool te Utrecht.

Dr. L. de Blieck, Hoogleeraar aan de Veeartsenijkundige Hoogeschool te Utrecht.

Dr. W. J. Paimans, Hoogleeraar aan de Veeartsenijkundige Hoogeschool te Utrecht.

Dr. J. Poels, Directeur van de Rijksseruminrichting, Buitengewoon Hoogleeraar aan de Rijks-Universiteit te Leiden en aan de Veeartsenijkundige Hoogeschool te Rotterdam.

Dr. H. Remmelts, Inspecteur van den Veeartsenijkundigen Dienst, Buitengewoon Hoogleeraar aan de Veeartsenijkundige Hoogeschool te 's Gravenhage.

Mr. Dr. A. Heringa, Hoogleeraar aan de Landbouwhoogeschool te Wageningen.

J. A. Klauwers, Districtsveearts te Amsterdam.

Mr. W. J. Baron van Dedem, Voorzitter van de Vereeniging „het Nederlandsch Rundveestamboek" te den Hulst, gemeente Nieuwleusen.

Mr. A. G. A. Ridder van Rappard, Voorzitter van de GelderschOverijselsche Maatschappij van Landbouw, Lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal te Tiel.

L. F. Duymaer van Twist, Lid van de Tweede Kamer der StatenGeneraal te 's Gravenhage.

Th. C. Wesselingh, veehouder te Hazerswoude.

E. Wesbonk, veehouder te Winsum, gemeente Baarderadeel.

Sluiten