Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\

1 t

( (

1

Kosten der bestrijding.

Het is het meest aanbevelenswaardig, dat voor zoover tot de oprichting an bovenbedoelde commissies wordt overgegaan, dit niet tijdelijk geschiedt, n.1. .Heen zoodra en zoolang gevaar dreigt, doch aan de commissies een permanent :arakter wordt verleend, ten einde voor haar ook genoegzame gelegenheid zal >estaan zich voor de richtige vervulling van de taak, die haar bij het heerschen Ier ziekte wacht, tijdig voor te bereiden en opdat zij ook aanwezig zijn, zoodra le behoefte aan hare werkzaamheid zich voordoet.

Haar taak zal dan dienen te bestaan in toezicht op de nakoming der voorichriften, in het met raad en daad bijstaan van de ambtenaren van het veeartsenijcundig Staatstoezicht, in het inlichten van belanghebbenden omtrent ontstaan en verspreiding der ztekte, *) in het geven van voorlichting omtrent verpleging van :iek vee, enz.

Wat de benoeming betreft, acht de Staatscommissie het gewenscht, dat r.oowel de provinciale als de plaatselijke commissies van waakzaamheid eventueel worden benoemd door den Commissaris der Koningin, zulks op voordracht van de landbouworganisat ies.

Eene minderheid der Staatscommissie, bestaande uit de Heeren Prof. Dr. J. poels en Prof. Dr. H. Remmelts, verwerpt het denkbeeld der instelling van commissies van waakzaamheid geheel.

Het lid der Staatscommissie de heer L. F. Duymaer van Twist is van gevoelen, dat zoo men op geen andere samenwerking van overheid en belanghebbenden het oog heeft dan op de facultatieve instelling bij de wet van commissies van waakzaamheid, deze samenwerking van weinig belang zal zijn. De samenwerking zal z.i. toch niet zóó kunnen zijn, dat de overheid eenvoudig de verschillende maatregelen decreteert, maar bij het stellen van voorschriften dient er tusschen beide partijen een nauw overleg plaats te hebben.

De meerderheid der Staatscommissie acht dit standpunt in strijd met de leidende rol, welke de overheid bij de bestrijding moet blijven behouden en meent dat een overleg als door dit lid gewenscht, alleen al wegens de tijdroovendheid daarvan eene doortastende bestrijding veelal in ernstig gevaar zal brengen.

Bij Koninklijke Boodschap van 18 Juli 1916 is bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal een ontwerp van wet ingediend tot heffing van bijdragen van de veehouders in de kosten van bestrijding van het mond- en klauwzeer. Dit wetsontwerp, hetwelk blijkens het Voorloopig Verslag bij vele leden op ernstige bedenkingen stuitte, is niet in openbare behandeling gekomen.

*) De Commissies kunnen b.v. ook door overreding trachten te bereiken, dat handelingenj welke bezwaarlijk door een strafrechtelijk verbod zijn te treffen, omdat zij over het algemeen van onschuldigen aard zijn, doch onder bijzondere omstandigheden gevaar voor smetstofverspreiding kunnen opleveren, worden nagelaten.

Sluiten