Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschikte deskundigen voor de herschatting zijn te vinden, tot tijdverlies, waardoor de afmaking op ongewenschte wijze wordt vertraagd.

Daarom werd nagegaan, of in het buitenland wellicht een betere regeling te dezer zake bestaat.

De Pruisische wet van 25 Juli 1911 ter uitvoering van de »Viehseuchengesetz 1909* draagt de schatting op aan den »beamteter Tierartz und zwei Schiedsmanner« *) of met goedvinden van den eigenaar, alleen aan eerstgenoemde. Deze taxatie is bindend, zoowel voor de overheid als voor den eigenaar.

In Engeland geschiedt de taxatie blijkens art. 23 van »the Foot and Mouth Disease Order of 1895« door een »Inspector or Officer of the Board of Agriculture«, dus door een Regeeringsambtenaar. Betwist de veehouder de waardeering, dan wordt de zaak beslecht door een > single arbitrator.» De Engelsche wet kent dus evenals de Nederlandsche de hertaxatie. Echter uit onzerzijds bij den Heer Dr. J. J. L. van RlJN, Rijkslandbouwconsulent vroeger te Londen, thans te Rome ingewonnen inlichtingen blijkt, dat de eigenaar nog nooit de waarde, bij de eerste schatting vastgesteld, heeft betwist, omdat die schatting voor hem blijkbaar nimmer ongunstig is.

Ook in Zwitserland geschiedt geen hertaxatie (zie bijlage II).

Zoowel in Duitschland als in Engeland houdt derhalve de taxatie de afmaking niet al te zeer op.

Het komt de Staatscommissie voor, dat ook in Nederland eene poging moet worden gedaan, de taxatie aan de tijdige afmaking niet te zeer in den weg te doen staan.

Daarom ware de taxatie op te dragen aan vaste taxatie-commissies, bestaande uit drie personen, die met de noodige plaatsvervangers benoemd worden door den Commissaris der Koningin op aanbeveling van de betrokken hierboven voorgestelde provinciale commissie van waakzaamheid.

De taxatie worde dan bindend verklaard voor beide partijen, zoodat de hertaxatie worde afgeschaft.

De belangrijke en verantwoordelijke taak, die de taxatie-commissies krijgen te vervullen, doet het noodzakelijk zijn, dat onafhankelijke en deskundige personen tot leden worden aangewezen, terwijl de deugdelijkheid der taxatie en de uniformiteit in de beslissingen ware te bevorderen door de taxatie-commissies een instructie te geven, waarin de door haar te volgen methode scherp en duidelijk worde omlijnd.

Eene minderheid der Staatscommissie (de Heeren Th. C. Wesselingh,

*) Hiermede worden niet bedoeld scheidsrechters (arbiters), doch vertrouwensmannen. Er wordt van dezen een lijst aangehouden.

Sluiten