Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het geheele land, hetzij in bepaalde streken, dient de wet ook de bevoegdheden dier commissies te omschrijven en hare benoeming te regelen.

De taak dier Commissies zoude dan moeten zijn: toezicht op de nakoming der voorschriften, het met raad en daad bijstaan van de ambtenaren van het veeartsenijkundig staatstoezicht, het inlichten van belanghebbenden omtrent ontstaan en verspreiding der ziekte, het geven van voorlichting omtrent verpleging van ziek vee, enz.

Aan den Commissaris der Koningin ware op te dragen de commissies eventueel te benoemen, zulks op voordracht van de landbouworganisaties.

De kosten der bestrijding moeten naar het oordeel der Staatscommissie in beginsel alle voor rekening van den Staat komen.

Wat de schadeloosstelling in geval van afmaking betreft, meent de Staatscommissie, dat niet alleen voor verdacht vee, doch ook voor ziek vee 100 % (niet zooals thans 90 %) van de waarde van het vee in gezonden toestand moet worden vergoed.

De taxatie van de waarde ware anders te regelen en op te dragen aan vaste taxatiecommissies, bestaande uit drie personen, die met de noodige plaatsvervangers benoemd worden door den Commissaris der Koningin op aanbeveling van de betrokken hierboven voorgestelde provinciale commissie van waakzaamheid. De taxatie worde dan bindend verklaard voor beide partijen, zoodat de her-taxatie worde afgeschaft.

Wat betreft eventueele vergoeding van bedrijfsschade, meent de Staatscommissie dat deze niet regel, doch uitzondering moet zijn, en derhalve de regeling van art. 44 der veewet 1920 juist is.

Slotvraag: Welke waarde is te hechten aan verschillende in de 'laatste jaren aangeprezen middelen ter voorkoming en genezing der ziekte?

Aan de verschillende in de laatste jaren aangeprezen middelen ter voorkoming en genezing van mond- en klauwzeer, voor zoover deze ter kennis van de Staatscommissie gebracht zijn en in hunne werking door haar konden worden nagegaan, is geen waarde te hechten.,

Sluiten