Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 28 (nieuw).

Met geldboete van ten hoogste f 50.— (vijftig gulden) of ten arbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon van ten hoogste een maand wordt gestraft de arbeider, die zonder dat de overeenkomst ingevolge het behaalde bij de artikelen 22, 23 en 24 is geëindigd, de onderneming verlaat of daarvan wegblijft, met het kennelijk doel om daarheen niet meer terug te keeren, en de arbeider, die zich schuldig maakt aan voortgezette weigering om den verplichten arbeid te verrichten met dien verstande, dat de arbeider, die bij den werkgever krachtens een reëngagementscontract in dienst is, wegens voortgezette weigering om den verplichten arbeid te verrichten alleen strafbaar is, indien hij gedurende een maand minder dan vier en twintig volle werkdagen voor de onderneming arbeid heeft verricht.

TOELICHTING. Dit zijn eenige strafbepalingen ter verzekering van de naleving van de arbeidsovereenkomst door den onder een reëngagementscontract werkenden arbeider. Deze is dus niet meer strafbaar, indien hij niet geregeld arbeidt, indien hij zich niet houdt aan de gegeven bevelen, indien hij zijn woning niet onderhoudt, enz. Aan dezen arbeider is dus in ruime mate vrijheid van beweging gegeven. Slechts indien hij de onderneming vóór het einde der arbeidsovereenkomst verlaat of minder dan 24 dagen voor de onderneming arbeid heeft verricht, kan hij worden gestraft. Zie hier een geleidelijke overgang geschapen naar den vrijen arbeid. Te gereëngageerde arbeider heeft als immigrant zijn leerschool doorloopen en moet thans toonen, dat hij ook zonder dat de strafrechter achter hem staat, behoorlijk en geregeld kan werken. Zoodoende zal practisch kunnen blijken wat de invloed van deze verminderde strafbaarheid zijn zal. Zal de arbeider doorwerken als thans, om eiken dag zijn dagloon te kunnen verdienen, of zal de nieuwe vrijheid hem te sterk zijn en zal hij slechts arbeiden voorzoover hij daartoe door den strafrechter kan worden gedwongen ?

Artikel 29 (nieuw).

Arbeiders, die bij den werkgever krachtens een immigratie contract in dienst zijn, worden gestraft met een geldboete van ten hoogste f 25.— (vijf en twintig gulden) of ten arbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon van ten hoogste 12 dagen, wegens overtreding van artikel 19 alinea 1, 2 en 4, van de bij arbeidsovereenkomst overeengekomen bedingen en wegens weigering om den verplichten arbeid te verrichten.

TOELICHTING. Voor de immigranten zijn dus de strafbepalingen gehandhaafd. Zij moeten eerst gewennen aan geregelden arbeid, aan tucht en orde voordat de meerdere mate van vrijheid, aan de gereëngageerden verleend, aan hen kan worden toegestaan.

Sluiten