Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„in een tijd, die gelukkig de bestemming en „de schande des kruises niet meer kent."

Zoo schreef Nietzsche om den jare 1880.

Tien jaren later lag om zijn geest en hart het dikke donker der krankzinnigheid; en als hij in die dagen de Naumburger kerkklokken hoorde luiden, dan balde hij de vuisten in zinnelooze woede tot het woord zijner moeder: „Kom, Frits, we gaan ter kerke" .... zijne onrust deed bedaren. En het laatste woord, dat hij kort voor zijn dood in 1900 met bevende hand neerkrabbelde op papier, was: „De Gekruiste" ....

Waarachtig, men behoeft geen wijsgeer te zijn om in Nietzsche's leven te zien de proeve en het bewijs der rampzaligheid zijner goddelooze leer. — Smaad en smart en druk en dood zijn verschrikkelijke namen. Maar noem mij den mensen, die aan hun macht ontkwam? En wie den „Man van Smarten" onverdraaglijk vindt voor zijn menschelijken trots, die zal te verdragen hebben de smart zonder God...., die houdt over de smart, de harde, hopelooze, vertwijfelingsvolle smart...., dien blijft het kruis, het zware, zwarte kruis, maar zonder 'den Gekruiste eraan.

De smart zonder God!

Sluiten