Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zn kleine vinger duwt even zachtkens heen-en-weer een dikke, onder de huid losliggende aar van oudgrootjes hand, even, in strakke aandacht, wat-griezelig om dat vreemde weeke...

Hij wordt ongeduldig en knuffelt zich weer onder de dekens, dicht tegen oud-grootje aan, bei zn armen om haar arm gestrengeld, zn kopje vleiend tegen haar schouder, 't Helpt ook niet.

Oud-grootje merkt het wel, ze ziet alles, er is een oolijke vroolijkheid om d 'r glimlachende lippen.

Dan, eindelijk, brengt hij zn handen aan opoe's oor, en zn mond er vlak in, fluistert hij vleiend: „Opoe! Opoe-óe!" ... ^ Oud-grootje schokt d'r hoofd terug, zn fluister-geluid tuit door haar oor.

„Opoe! hoor nou' es!..."

„Opoe! slaap-ie nog?"

Sluiten