Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om der priesters donkerheid en *t reine duister van 't hooge gewijde, « vredig, als een blije lichtvreugde om een donkere devotie.

De galmende psalmzang en 't droomezingen is heengegaan, 't Is gaan sterven, onbewogen, opgedroomd in 't verre licht; luideloos zacht en roerloos henengegleden.

Alles vervloeid vervloeit...

En in vaal-grauwe diepte drommen nog even wat donkere klanken roffelend op; dravende paarden in wilden galop! — maar dat is diep, diep en vaag verloren.

Daar vér boven, daar hoog, hóóg in de goud-glanzende nevelen, naar 't klare stralende licht, daar zijn de vromen heengegaan, de vromen, die droegen de reine ziel, het verheerlijkte mysterie.

Naar huis ... naar 't blije huis.

Sluiten