Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot leden:

J. N. Elenbaas, lid van Gedeputeerde Staten van Zeeland te Krabbendijke; '

Dr. Th. G. denHoüteb, Hoofdinspecteur van de Volksgezondheid te s Gravenhage;

J. C. Mulder, Directeur van het weduwen- en weezenfonds voor burgerlijke ambtenaren en van het pensioenfonds voor de gemeente-ambtenaren;

Mr. J. Ph. Suyling, Hoogleeraar te Utrecht;

Mr. N. G. van Taack Tra Kranen, Secretaris van den burgerlijken pensioenraad en den pensioenraad voor de gemeenteambtenaren ;

Mr. L. J. A. Trip, Referendaris bij het Departement van Financiën;

Dr. B. Tüeksma, Chef van het pensioen bureau der gemeente Amsterdam;

Jhr. Mr. G. C. von Weiler, Administrateur bij het Departement van Financiën;

W. P. Zeilmaker, Oud-Voorzitter van de Pensioenvereeniging van burgerlijke ambtenaren, directeur van het Telegraafkantoor te 's Gravenhage;

tot lid en secretaris:

Mr. A. L. Scholtens, Referendaris bij het Departement van Financiën.

Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit, waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Algemeene Rekenkamer.

's Gravenhage, den 8 November 1915.

.(get.) WILHELMINA.

De Minister van Financiën, (get.) TREUB.

De samenstelling der Commissie onderging wijziging doordat haar medelid Dr. Th. G. den Houter, die door een Regeeringsopdracht geruimen tijd buitenslands zou zijn, zijn ontslag vroeg en verkreeg als lid der Commissie. Krachtens Uwer Majesteits besluit van 15 Februari 1916 n°. 19 werd zijn plaats ingenomen door Dr. D. Snoeck Henkemans, controleerend geneeskundige der Rijksverzekeringsbank.

Voorts werd bij Uwer Majesteits besluit van 29 April 1916 n°. 41 als adjunct-secretaris aan de Commissie toegevoegd Mr. E. G. van Bisselick, adjunct-commies bij de Pensioenraden.

Van de haar verleende bevoegdheid, zich door deskundigen te doen voorlichten en dezen als adviseerend lid tot hare vergaderingen toe te laten, maakte de Commissie in 1917 gebruik door den heer H. W. A. Zooi, wiskundig adviseur bij het weduwen- en weezenfonds voor burgerlijke ambtenaren, uitte noodigen haar zijne deskundige voorlichting te verschaffen en als adviseerend lid hare vergaderingen bij te wonen. De heer Zoot heeft aan die uitnoodiging welwillend gevolg gegeven en heeft de Commissie door zijn hulp groote diensten bewezen.

De Staatscommissie werd door den Minister van Financiën geïnstalleerd op Zaterdag 20 November 1915, met een toespraak waarin het doel van de instelling der Commissie werd uiteengezet. Die toespraak werd namens de Commissie door haren Voorzitter- beantwoord.

Uit het benoemingsbesluit, zooals dat door den Minister van Financiën bij de installatie der Commissie nader werd toege licht, blijkt dat zij werd ingesteld met tweeërlei doel.

In de eerste plaats werd van haar verwacht, dat zij het pensioen van de niet-militaire ambtenaren, dat thans, over ver-

Sluiten