Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belanghebbenden pleegt te worden gevoeld, een bevredigende regeling niet wel mogelijk was, als niet ook aan debetrokken belangen zelve zooveel mogelijk ruimte was gelaten om zich te uiten. Van den aanvang van haar werkzaamheid af waren aan de Commissie reeds tal van adressen toegezonden, waaruit de belangstelling voor het pensioenvraagstuk, of bepaalde gedeelten van dat vraagstuk, ten duidelijkste bleek. Om echter allen, die nuttige wenken meenden te kunnen geven, daartoe indé gelegenheid te stellen en anderzijds om haar voordeel te kunnen doen met hetgeen uit de kringen der belanghebbenden tot haar kwam, meende de Commissie nog meer opzettelijk te moeten doen blijken, dat inlichtingen door betrokken personen en vereenigingen door haar op prijs werden gesteld. Zij noodigde daarom door een oproeping in de Staatscourant en in de bladen allen uit, die haar bepaalde mededeelingen of verzoeken zouden wenschen te doen, daarvan te doen blijken door een schrijven, waarin de punten werden aangegeven, waaromtrent bepaalde wenken of verzoeken wenschelijk werden geoordeeld en waarin werd gemeld of mondelinge toelichting bij de Commissie werd gewenscht. Naar aanleiding van die oproeping kwamen ongeveer 120 verzoeken in. Slechts een deel der adressanten echter wenschte mondeling gehoord te worden ter toelichting van hun adressen. Daartoe splitste zich de Commissie in een tweetal sub-commissiën, voor ieder van welke een aantal vertegenwoordigers van vereenigingen en particulieren zijn verschenen. Van de' verhooren is een verslag opgemaakt, 'dat als bijlage hierbij wordt overgelegd. De Commissie stelt er prijs op te verklaren, dat die verhooren voor haar van veel nut zijn geweest en op verschillende punten nog wijziging hebben gebracht in haar aanvankelijke beslissingen. Op menig punt komen de voorstellen der Commissie aan haar kenbaar gemaakte wenschen tegemoet.

Van het Comité ter behartiging van de algemeene belangen van Overheidspersoneel, uit de Bonden van Overheidspersoneel aangesloten bij het Nederlandsch Verbond van Vakvereenigingen,' bereikte de Commissie nog het verzoek om het door haar samengestelde Wetsontwerp met Memorie van Toelichting, vóór de inzending aan Uwe Majesteit, aan de. centrale organisaties van belanghebbenden ter beoordeeling te doen toekomen. De Commissie heeft echter gemeend, aan dat verzoek niet te moeten voldoen, vermits zij van oordeel was dat zij haar ontwerp, vastgesteld na overweging van al het bij haar te berde gebrachte, aan Uwe Majesteit had over te leggen. In haar voornemen heeft het van den aanvang af gelegen, de openbaarmaking van haar rapport en haar voorstellen van Regeeringswege aan te bevelen. Op die wijze zal haar arbeid aan de openbare critiek worden onderworpen. Aan de Regeering zal het dan zijn om te beslissen, of zij in die critiek aanleiding kan vinden, de indiening van gewijzigde voorstellen bij de Staten-Generaal te bevorderen.

Langs den boven geschetsten weg is de Commissie ten slotte gekomen tot het wetsontwerp, dat Uwe Majesteit hierbij eerbiedig wordt aangeboden. Zij heeft zich daarbij op een zuiver practisch standpunt gesteld en zich ten slotte onthouden van iedere behandeling in de stukken van zuiver theoretische beschouwingen, aan het pensioenbegrip ontleend. Het kwam haar toch voor, dat zoodanige beschouwingen weinig zin konden hebben, nu het niet gaat om het opbouwen en rechtvaardigen van een nieuwe instelling, maar om het wijzigen van een sinds drie-vierde eeuw geldende, aan welker bestaansrecht niemand twijfelt. In diemgedacbtengang mocht, naar het der Commissie voorkwam j de volle nadruk worden gelegd op practische pensioen vraagstukken. Te dien aanzien is zij zich ten volle bewust, dat haar voorstel niet aan allen zal geven datgene wat zij er van hadden gehoopt. Als de tijd voor pensioen aanbreekt, beteekent dat pensioen een vermindering van inkomsten, die niet zelden als een zware druk zal worden gevoeld. Het is dan ook volkomen begrijpelijk, dat het streven der ambtenaren en hun vereenigingen er naar uitgaat om den achteruitgang ten gevolge van het feit der pensionneering zoo gering mogelijk te' doen zijn. Aan alle gekoesterde en uitgesproken wenschen

Sluiten