Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veenschap of veenpolder, indien dat lichaam met Onze goedkeuring heeft bepaald, dat zij voor de toepassing van deze wet niet als ambtenaar zullen worden beschouwd'

f. personen in lossen dienst.

2. Onder personen in lossen dienst worden verstaan zij die als zoodanig zijn aangenomen en wier dienst slechts 3 maanden of korter duurt. Op met redenen omkleed voorstel van het bevoegd gezag kan de Pensioenraad bepalen, dat voor de toepassing van deze wet bepaalde personen of groepen van personen zullen worden geacht in lossen dienst te zijn, ofschoon hun dienst langer dan 3 maanden duurt.

3. Voor de toepassing van het vorige lid wordt dienst die, zij het met onderbreking, regelmatig wordt vervuld, als onafgebroken dienst beschouwd.

4. Hij wiens losse dienst onmiddellijk of met een onderbreking van niet meer dan een maand in vast of tijdelijk dienstverband bij hetzelfde lichaam overgaat, wordt geacht van den aanvang van zijn lossen dienst af in vasten of tijdelijken dienst te zijn geweest.

Artikel i.

1. Met ambtenaren worden voor de toepassing van deze wet gelijkgesteld:

a. personen die als rector, directeur, leeraar of beambte zijn verbonden aan een op grond van artikel 157 der hoogeronderwijswet aangewezen bijzonder gymnasium of aan een bijzondere hoogere burgerschool, die voldoet aan de eischen, gesteld bij artikel ibbis, eerste lid onder 2, 3, 4 en 5 der wet tot regeling van het middelbaar onderwijs;

b. personen die als hoofd, onderwijzer 'of beambte zijn verbonden aan een bijzondere school, welker leerplan,'wat betreft de vakken en het aantal lesuren, voldoet aan het bepaalde in artikel 59 bis, tweede en derde lid der wet tot regeling van het lager onderwijs;

c. personen die als directeur, onderwijzer of beambte zijn verbonden aan een bijzondere kweekschool tot opleiding van onderwijzers.

2. Echter worden niet met ambtenaren gelijkgesteld onderwijzers die aan het hoofd van hun voor eigen rekening beheerde school staan.

3. Bij twijfel, of een school voldoet aan de eischen, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, wordt daaromtrent door Ons beslist, den Raad van State gehoord.

Artikel 5.

1. Voorts worden voor de toepassing van deze wet met ambtenaren gelijkgesteld de personen, ten aanzien van wie deze of een andere wet zulks bepaalt.

2. Worden na het in werking treden van deze wet personen bij een bijzondere wet met ambtenaren gelijkgesteld, dan regelt die wet tevens de wijze waarop het fonds ter zake van de uitbreiding van het aantal deel gerechtigden wordt schadeloos gesteld.

Artikel 6.

. Waar in deze wet wordt gesproken van „ambtenaren?' worden onder dezen, tenzij het tegendeel blijkt, de met ambtenaren gelijkgestelden begrepen.

Artikel 7.

Den Raad van State gehoord, kunnen Wij verklaren, dat iemand, die alleen daarom geen ambtenaar is in den zin dezer wet, omdat hij na hare inwerking treding is benoemd door een ander dan het bevoegde gezag, niettemin als ambtenaar wordt beschouwd, wanneer hetzij uit een stuk uit den tijd der dienstvervulling hetzij uit een latere verklaring van het tot

Sluiten