Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te maken dat men, als men wil, er op 55 jaar met pensioen uitgaat, om zich dan nog aan de wetenschap te wijden. Spreker bepleit dus geen verplicht ontslag op 55 jaar, maar een bevoegdheid, om dan ontslag te nemen met recht op een pensioen, in evenredigheid met de dienstjaren. Voor ieder jaar kan, als thans, Veo worden gegeven, maar het is van belang dat men, zonder invaliditeit te bewijzen, pensioen kan krijgen. Dat is ook van belang voor den dienst. Men vergete niet, dat een archivaris een zeer speciale betrekking heeft, die hem weinig geschikt maakt, naar andere betrekkingen over te gaan. Dwingt men hem nu, tot 65 jaar in dienst te blijven, dan zal hij niet zelden met weinig opgewektheid zijn taak vervullen, terwijl hij veel beter zijn roeping voor studie zou kunnen volgen en zijn plaats door een jonger ambtenaar laten innemen. Daarbij komt nog, dat het archiefwerk, in tegenstelling met wat het schijnt, wel degelijk een veel van het physiek eischende arbeid is. Men moet met allerlei zware en stoffige boeken omgaan, • heeft kans op het inademen van onzuivere lucht, en zelfs op infectie, waarvan spreker verschillende voorbeelden aanhaalt. Sommigen moeten b.v. ook oude gemeentearchieven ordenen, dikwijls op tochtige zolders, en dgl. Een feit is het dan ook dat een groot percentage zieken onder de archief ambtenaren voorkomt. Ook zenuw- en hartziekten komen veel voor. De onafzienbare hoeveelheid werk, die altijd overblijft, de nooit bestaande gelegenheid tot verpoozing, die bij andere ambten wel voorkomt, het op de zenuwen werkende arbeiden onder moeilijke omstandigheden, b.v. in verbleekte geschriften, waar de vergane stukke nbij het gebruik afvallen, de inspannende studie, die een zeer veel omvattende kennis (geschiedenis, staatsinrichting, muntstelsels, tijdrekenkunde, rechtswetenschap, wapenkunde enz.) vereischt, dit alles heeft een ongunstigen invloed op de zenuwen. Als men alleen het inspannende en gevaarlijke van het beroep in aanmerking neemt, blijken de wetenschappelijke archief betrekkingen in aanmerking te komen, om opgenomen te worden onder de betrekkingen welke op 55 jaar recht op pensioen geven. : ' Maar het recht op vroegere pensionneering staat toch ook niet alleen in verband met het feit, dat het lichaam eerder dan normaal door het werk slijt, maar het is ,ook soms te beschouwen als eene billijke vergoeding, voor de zware eischen, die gesteld werden. Dit] is ook het geval bij het archivariaat. De archivaris, die nu eens het werk van den gewonen ambtenaar verricht, dan weer dat van den geleerde, en niet zelden (als hij geheele dagen moet staan, loopen en sjouwen, of stoffige' en verfrommelde stukken zelf moet schoonmaken, uitvouwen en soms ook beplakken, of als hij 'door het vele wasschen van zijne vuile handen den geheelen winter gesprongen handen heeft) zich als een werkman voordoet — die met z'n werk buiten de groote maatschappij staat, die niet ontsnapt aan de natuurwet, dat de overmatige energie, die van hem voor z'n werk gevraagd wordt, aan zijn gezinsleven, als hij dat al kent, tot nadeel strekt, — hij' heeft alle recht, om een tegenprestatie voor deze schaduwzijden van zijn ambt te eischen. Overgelegd worden:

ai. een brief van den Directeur der archieven te Parijs van 30 December 1915 'inzake de regelen voor de pensionneering der Fransche archief ambtenaren;

b. een indertijd door eenige leden van de vereeniging van archivarissen in 'Nederland opgemaakt en aan het Bestuur doorgezonden request over de pensionneering. Dit request is - opgemaakt in 1913, toen de ambten werden bepaald die op 55°jaar recht op pensioen zouden geven. Het verzoek is toén niet verhoord. Laat men het thans èn in het belang der ambtenaren èn in dat van den dienst, nog eens nauwgezet overwegen !

Aldus goedgekeurd door de gehoorden.

De Voorzitter,

Sluiten