Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar een surrogaat of een equivalent voor de P. S. niet gezocht ja, wat meer is, zij veronderstelt dat ook de „planters" die zeiven naar maatregelen moeten omzien, geen vervangend stelsel zullen kunnen vinden.

De Nota weet er niets beters op, dan dat de planters, nederzettingen van vrije arbeiders in het leven moeten roepen. Die nederzettingen kunnen niet anders gevormd worden dan door arbeiders die na expiratie van hun contract als vrije arbeiders op de onderneming willen blijven en door immigranten, die als vrije arbeiders op Java worden aangeworven. De opvolgende partieele maatregelen, bedoeld bij No. 8 der Nota, kunnen dus niets anders zijn dan afschamngsmaatregelen. iDe overgangstijd van 7 jaar dient alleen om den planters voldoenden tijd te geven, om met vrije arbeiders te leeren werken en door hooger loon en eene zeer goede behandeling te zorgen dat zij blijven,

Wel is waar zullen twee vrije arbeiders der toekomst niet meer praesteeren dan een contract koelie van heden (ondanks dat hooger loon en die betere behandeling), doch in verband daarmede wordt niets anders voorgesteld dan nu reeds over te gaan tot den aanbouw van meer koeliewoningen. De Nota vergeet daarbij te denken aan meer hospitalen, meer arbeidsinspecteurs, politie, magistraten en gevangenissen,

Nu wordt gevraagd of en zoo ja welke bezwaren de planters tegen dit schema hebben.

Onze conclusie in Hoofdstuk II geeft daarop het antwoord. Waarborgen voor arbeids- en bedrijfszekerheid biedt dit schema niet; door de bekentenis van onmacht om andere waarborgen in de plaats van het P. S. stelsel . aan te geven, levert de Nota een welsprekend pleidooi voor het behoud van het laatste.

Het gaat o. i. niet aan, dat de Regeering op het voorbeeld der Nota zou zeggen: wij schaffen de P. S. af in 7 jaar tijds, ongeacht de bezwaren die daartegen bestaan; Gij planters hebt den tijd U daarop in te richten, ziet wat gij er van terecht brengt, wij, Regeering, onthouden ons van verdere bemoeing.

De Nota veronderstelt, dat wel twee vrije arbeiders noodig zullen zijn voor het werk van één contract koeüe, doch waarop is dit gebaseerd? Is dit een doorsnee-taxatie? Waarom geen drie, of vier vrije arbeiders, en wanneer men het juiste verhoudingscijfer voor alle ondernemingen gezamenlijk kent, ligt het dan niet voor de hand, dat de cijfers voor elke onderneming afzonderlijk niet gelijk kunnen zijn. Er zullen ondernemingen zijn die weinig, andere die zeer veel last van verloop van werkvolk zullen hebben. Dit behoeft volstrekt niet altijd afhankelijk te zijn van de behandeling der arbeiders en het is zeer wel mogelijk dat de

Sluiten