Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wordt dit ontwerp wet, dan heeft men al dadelijk de keus. immigranten te engageeren hetzij op den voet der K. .O (Stsbl. 1915 No. 421), hetzij op den voet van de vrije arbeids-ordonnantie. Kan een immigrant niet meer geëngageerd worden op den voet van de K. O. (wanneer dat geval zich zal voordoen is niet nader omschreven), dan is de nieuwe ordonnantie automatisch toepasseüjk.

Om dit ontwerp te leeren kennen, volge hieronder een resumé daarvan met eenige opmerkingen als commentaar.

Resumé dezer (Art. 2). De ordonnantie is toepasselijk op ondernemingen van

regeling. landbouw of nijverheid, boschexpioitatie, houtaankap (uitgezonderd de

panglongs) scheepsbouw, havenwerken, kolenstations, uitvoer van bouwwerken, bedrijf van scheepsaigenten,'sörteeren en verpakken van gommen Openbare Werken en aanleg en bedrijf van Spooren Tramwegen.

(Art. 2b). Arbeiders in den zin der ordonnantie zijn alle volwassen leden der inheemsche of daarmee gelijk gestelde bevolking die op het terrein der onderneming werkzaam zijn.

Het verschil tusschen immigratie- en reëngagements-contract is vervallen, zelfs het verschil tusschen immigranten en uit dit gewest afkomstige arbeiders is opgeheven.

<Art 2c). De arbeidsovereenkomst kan schriftelijk of mondeling voor bepaalden of onbepaalden tijd worden aangegaan, doch niet voor langer dan 2 jaren. Het maakt geen verschil, of de werkzaamheden worden verricht in dienst van den werkgever, of van een aannemer, dan wel bestaan uit enkele bepaalde handelingen.

De Bandjareesche schuurbouwers, die op eigen gelegenheid immigreeren en in eigen kampongs samenwonen moeten dus ook evenals de andere arbeiders van elders afkomstig, om de twee jaar naar hun land worden teruggezonden, subsidiair krijgen zij passage kosten voor hen zelf en hun gezin, (ref. art. 7.).

(Art. 5). VERPLICHTINGEN VAN DEN ARBEIDER ZIJN:

a) om den bedongen arbeid geregeld te verrichten; b) bij rampen van hooger hand of gevaar hulp te verleenen, c) (art. 6) al datgene te doen en te laten, wat een goed arbeider moet doen en laten.

(Art. 5b). Maximum verplichte arbeidsduur is 8 uur overdag en 6 uur 's nachts.

(Art, 5, 3e al) kent een uitzondering op dien regel.

Op niet nakoming van de verplichtingen van den werkman staat geen straf, noch boete, behalve op weigering van hulp in tijden van gevaar en rampen, (ref. art, 13. Van terugbrenging met den sterken arm van deserteurs is geen sprake.

Sluiten