Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet uitvoerbaar is zonder opneming van tal van verwijzingen tusschen de titels, en die niet overzichtelijk bijeen brengt wat in aard bijeen past. Het voordeel dat zulk een schikking zou geven, wordt door een alfabetisch registertje veel beter gebracht.

Voor de hand ligt daarentegen eene indeeling naar de landen en naar de talen. De Hebreeuwsche en de Grieksche boeken vormen èn uit wetenschappelijk èn uit typographiBch oogpunt zulke sprekende eigen groepen, dat slechts eene koppige systeem-doordrijverij een catalogusmaker kan bewegen, ze tusschen de groote massa Latijnsche boeken in te voegen. Ook voor de boeken in de landstalen is bijeengroepeering ten zeerste gewenscht. Zij lag hier des te meer voor de hand, omdat bij de uitbreiding der verzameling juist aan de verwerving van Italiaansche en Duitsche boeken eenige zorg gewijd is. Ook is het mij gelukt, ten minste een enkel Fransch boekje te verkrijgen.

Hoewel het, om tot afronding en druk van den catalogus te komen, noodig was, in 't algemeen de voor incunabelen aangenomen eeuwgrens in acht te nemen, heb ik mij toch niet al te streng aan die grens gehouden. Verscheidene ongedateerde boeken van omstreeks 1500 zijn opgenomen, die bij nader Onderzoek wel tot de 16e eeuw kunnen behooren. Zelfs is, om een bundeltje van zulke boekjes niet te splitsen, een gedateerd boekje van na 1500 mee gecatalogiseerd.

De beschrijving begint met de Hebreeuwsche incunabelen. De reeds rijke verzameling van de Bibliotheca Rosenthaliana, in 1919 in een eigen catalogusje beschreven, is nog eenigzins uitgebreid. Zij telt nu 23 nummers; een eerbiedwaardig getal, wanneer men opmerkt, dat de Thesaurus typographiae Hebraicae saec. MD in het geheel ongeveer 120 Hebreeuwsche incunabelen zal beschrijven. Voorop gaan twee in Lissabon gedrukte boeken; daarop volgt de beschrijving van wat Italië op dit gebied heeft voortgebracht. De titels zijn door de goede zorg van de heeren J. M. Hillesum en L. Hirschel nieuw geredigeerd in overeenstemming met die van de andere incunabelen, dus, in afwijking van de beschrijving van 1919, met den auteursnaam voorop.

De verzameling der Doopsgezinde gemeente bracht een zevental Grieksche incunabelen; maar eenige ervan doubleeren slechts de reeds vroeger beschrevene, zoodat de wezenlijke aanwinst niet zoo groot is. Toch is zij belangrijk; naast de Florentijnsche en de Aldus-drukken hebben we nu belangrijke werken van drie andere drukkerijen met eigen Grieksche typen. In vele Latijnsche boeken zijn ook hier en daar Grieksche letters gebruikt, wat in de noten veelal is aangegeven; voor den werkelijken Griekschen druk heeft dit sporadische gebruik geene groote beteekenis.

De verzameling Latijnsche boeken, in Italië gedrukt, is zeer sterk uitgebreid. Van de oudste Duitsche drukkers te Rome, Sweynheim en Pannartz hebben we nu een paar specimina; van den Augsburgschen drukker Erhard Ratdolt, die 't eerst te Venetië zijn fraai versierde en rijk geïllustreerde boeken over meetkunde en cosmographie in 't licht gaf, is hier een reeksje uitgaven. Pierre Maufer, een Fransche drukker die in Italië op verschillende plaatsen werkte, is met een belangrijk boek, te Verona gedrukt, vertegenwoordigd. Van Nederlandsche drukkers hebben we een Boiogneeschen druk van Hendrik van Haerlem, een Romeinschen van Maarten van Amsterdam en een Trevisaanschen van Gerardus de Flandria. In 1919 beschreven we Italiaansche uitgaven van 27 verschillende drukkers in 11 plaatsen; nu is het getal der drukplaatsen tot 18, dat der drukkers tot 87 aangegroeid.

Sluiten