Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Deventersche uitgaven, nu in veel grooter aantal beschreven, wat in overeenstemming is met de beteekenis daarvan in den humanistentijd, toonen ons van de beide oude drukkers een paar echte incunabelen maar daarna reeksen van de latere gewone boekjes, die tot in de 16e* eeuw doorloopen. Dan zetten twee jongere drukkers, Theodoricus van Borne en Albert Pafraed dezelfde traditie voort. Zn blijven reeksen schoolboeken uitgeven, met gelijke of gelijksoortige letter; zij blijven die Latijnsche boekjes met gothische typen drukken, terwijl in de zuidelijke gewesten daarvoor reeds een nieuwe, de ronde Romeinsche letter, en spoedig ook de cursieve in gebruik komt. Dit gebruik van Gothisch type voor Latijnschen druk eindigt met het jaar 1520; na dat jaar zien we de Gothische letter voor Latijnsche teksten alleen nog in enkele kerkboeken en elementaire leerboekjes, niet meer in werken van wetenschap en lectuur.

De druk van boeken in Nederlandsche taal heeft vastgehouden aan de Gothische letter. Ook voor deze eindigt de eigenlij ke incunabeldruk vóór 1500; dan komt de algemeen verspreide nieuwe letter van Hendrik Lettersnijder in gebruik. Van de oudere boeken met deze letter hebben we nog enkele fraaie specimina aangewonnen. En ook uit de 16e eeuw kon ik verscheidene tot dusver niet beschreven boekjes en fragmenten aan de verzameling toevoegen.

Belangrijk verrijkt is ook de tweede Latijnsche reeks, de druk met Romeinsche en cursieve typen, die hier al met 1502 begint, en zich voor de latere jaren sterk uitbreidt.

Enkele Fransche drukken volgen — de vorige catalogus had slechts een klem Fransch boekje —-, we zien daar eerst een eigene Gothische letter, later een testamentje in Romeinschen druk. Een Italiaansch Antwerpsen boekje sluit zich aan, en ik heb de verzoeking niet kunnen weerstaan, een Spaansch en een Engelsch boekje te laten volgen die geen plaatsaanwijzing geven, maar misschien ook te Antwerpen gedrukt rijn Dan komen nog een paar Grieksche boeken.

De grens van 1540 is bij deze beschrijving hier en daar overschreden door de opnemmg van verscheidene ongedateerde boekjes en fragmenten, die wel van wat lateren datum kunnen zijn, en van eenige boekjes met een later jaartal, soms verbonden met uitgaven van iets vroeger, zooals in het merkwaardige David-Jorisz-bundeltje.

Onze laatste rubriek gaat geheel over de grens heen; rij beschrijft de Amsterdamsche uitgaven van 1541 tot 1578, met opneming van enkele elders verschenen boekjes, die ik van de Amsterdamsche niet wilde scheiden. Trouwens verscheidene uitgaven uit dit tijdvak rijn elders gedrukt. Dit geldt met name van de oudere kerstzangen der rectoren, uiterst zeldzame boekjes, waarvan ik er, deels door aankoop, deels uit de kostbare collectie-Sterck, een zestal aan de verzameling heb kunnen toevoegen. Het zyn de eemge Latijnsche uitgaven in de reeks. Deze boekj es werden dan ook jarenlang elders gedrukt, waar de drukkers aanLatijnsch drukwerk gewoon waren, en er de gebruikelijke Romeinsche of cursieve letter voor hadden. Alleen de kerstzangen van de laatste jaren, toen Amsterdam als nog Boomsche stad ingesloten lag in het afgevallen Holland, zijn in de stad zelve gedrukt, m de eenige drukkerij die daar toen bij den stilstand van zaken nog werkte, een er van vertoont dientengevolge het in dien tijd bij ons geheel ongewone verschijnsel van Latijnschen druk in Gothisch lettertype.

Sluiten