Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Latijnsche boeken in Romeinschen en cdrsieven druk.

323. Jacobus Middelburgensis, Elegans libellus ac nune primurn impres-

8us, de praecellentia potestatis imperatoriae, ui quo plurima lectu vehementer turn vtilia turn amoena ex variis authoribus: de ortu, gradibus, et discrimine dignitatum ciuilium et ecclesiasticarum. Impr. Hantvuerpie in off. Theoderici cognomine Mertens 1502. 4°. — Met titelhoutsnede. 70 bL Bom. letter, enkele woorden Grieksch.

Titel rood gedrukt; houtsnee: keizerkroning; distichon, weer roodl Op de keerzijde Carmen elegiacum Erasmi, daarna brief van Erasmus aan Jacobus M. gedat. In nobili Louaniensium Acadaemia anno M.D.II ld. febr. Op bL 3t>er«o begint de opdrachtbrief tot het werk, aangeduid als Apologeticon tegen Aretinus, wiens brief wordt meegedeeld; op bl. 6verso begint de apologie zelve; de peroratio is gericht tot den bisschop van Kamerijk, en gedateerd Bruxelle 1500 pridie Cal. Nov. Beginletters niet ingevuld.

In denz. band: Apud luUum II Pont. Max. pro rege Ludovico XII per Gulielmum Briconnetum apologetica oratio 1507, Par. Denis Roce.

324. Johannes Picus Mirandula, Auree epistole. Opus epistolarum accu-

ratissime nuper recognitum sedulaque opera ünpressum a quo omnia menda que in prima impressione comperiebantur omnino abstersa sunt. S. I. Impr. 1509. 4°.

Druk van Theodoricus Martinus Alostensis te Antwerpen. 34 bL (het

laatste blank), Rom. letter. Ned. Bibl. 1723. Titelhoutsnee: twee geleerden onder een boom. De titel zelf rood gedrukt, keerzijde blank. De tekst van de brieven loopt van bL 2 tot 31reefo; verder een gedicht „Deprecatio ad deum" en twee brieven van Baptista Mantuanus.

325. Eligius Houcarius [Houckaert], Liuini seu Leuini archiepiscopi

et martyris Gandauorumque tutelaris diui Vita, elego ca[r]mine conscripta. Ad eundem cum laudibus supplicatio. Bertulphi confessoris eorundemque protectoris vita brevissime elucidata. Ad eundem et commendatio et votum. In Colletam virginem longe venerabilem Paean elegiacus. Impr. in aedibus Ascensianis imp. Victoris Curuipontis vulgo crombrugghe et Gerardi Zweemere adldus Jan. 1511.4°.—Met drukkersm. en houtsneeinitialen.

4 + 24 bl. Rom. letter (een enkel opschrift Goth.).

Op den titel het drukkersmerk „Prelum Aseensianum" met naammerk I[odocus] Bfadius]. Daaronder deze versregels: Haec tibi Gandaui venalis lector opella est Magna vbi Victoris bibliotheca patet.

Op de keerzijde opdracht van Iodocus Badius Ascensius aan Antonius Claua, gedat. „Ex chalcographia nostra apud parrhisios Nonis Jan. MDXF . Verder opdracht van Eligius Houcarius aan denz. „Gandaui quinto cal. dec. 1510", acht gedichtjes van verschillende auteurs, en 2 bladzijden praenotamenta van Iodocus Badius. Op de genummerde bladen de in den titel aangegeven gedichten, gedrukt met interlignes, en inhoudsaanwijzingen op den kant. Aan het eind een lofdicht gericht aan Victor van Crombrugghe, bibliopola gandauensis. Colophon.

Dit boek is het zesde in een band met Latijnsche 16e-eeuwsche gedichten, eigendom van de Doopsgezinde gemeente. Zie no. 326 en 327.

Sluiten