Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lOo. In geval van naasting strekt hetgeen de Staat overeenkomstig artt. 3 en 7 betaalde, in mindering.

llo. Na verstryking van den termijn waarvoor de definitive concessie wordt verleend, worden de lijnen met toebehooren het eigendom van den Staat tegen betaling van de gekapitaliseerde netto-opbrengst der

laatste jaren, onder aftrek als in art. 10 vermeld, en overigens op

den voet by de definitive concessie overeen te komen.

l2o. Wordt de definitive concessie niet aanvaard öf de vereischte bekrachtiging der wet niet verkregen, dan wordt het waarborgfonds sub art. 4 vermeld, gerestitueerd binnen eene maand na dato en betaalt de Staat binnen gelijken tijd voor restitutie van gemaakte kosten van opneming der lijnen:

a f per kilometer

b ƒ per kilometer

c f per kilometer

d f per kilometer tot een gezamenlijk maximum van gulden.

Sluiten