Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor de vervulling der betrekking van spoorweg-ingenieur of ingenieur werktuigkundige zou alsdan b. v. een ingenieur der Openbare Werken of van bet algemeen Stoomwezen bij de afdeeling Spoorwegen gedetacheerd en bij hun eigenlijk corps voor memorie gevoerd kunnen worden.

Een werktuigkundige Ingenieur toch moet een examen hebben afgelegd nagenoeg overeenkomende met dat, hetwelk wordt gevorderd voor Ingenieur voor het Stoomwezen.

De gapingen veroorzaakt door het detacheeren van eenen Ingenieur van dezen of genen tak van dienst bij de spoorwegen, zullen dienen te worden aangevuld en daarom is een afzonderlijk personeel voor spoorwegen noodig.

Het bureau, waarin de aangelegenheden van de spoorwegen behandeld worden, kan evenals de bureaux der afdeelingen mijnwezen en stoomwezen J) een deel uitmaken, van de Direktie der Openbare Werken onder de benaming van afdeeling Spoorwegen, en onder de leiding van eenen Hoofdambtenaar die den titel heeft van Hoofd-Ingenieur, Chef der afdeeling Spoorwegen.

Het personeel voor spoorwegen zal voorloopig dienen te bestaan uit: Een Hoofd-Ingenieur

Chef der afdeeling Spoorwegen op ƒ 1000.— 's maands ƒ 12000.— 's jaars Een tweeden Ingenieur „ „ 500.— „ „ 6000.— id. Een Ingenieur werktuigkundige „ „ 500.— „ „ 6000.— ld. Een teekenaar. „ „ 150.— „ „ 1800.— id. Een schrijver „ „ 80.— „ „ 960.— id. Een oppasser of boodschapper „ „ 10.— „ „ 120.— id. Een opzigter op elke 50 kilometers spoorlengte; zullende echter vooreerst slechts worden in dienstgesteld een opzichter „ „ 150.— „ „ 1800.— id. terwn'1 bovendien voor bureauhuur en schru'f- en bureaubehoeften zal noodig zijn eene

som van „ „ 200.— „ „ 2400.— id.

Te zamen

ƒ 2590.— 's maands ƒ 31080.— 's jaars

Bij art. 25, tweede lid, der concessie voor den spoorweg SamarangVorstenlanden is bepaald dat, om de kosten van toezigt|van regeringswege te dekken de concessionarissen verpligt zijn jaarlijks in de schatkist een bedrag te storten van hoogstens drie kwart per duizend 3|4 van de som, die voor den aanleg van den spoorweg en van zijne aanhoorigheden benoodigd is.

') Staatsblad 1863 No.'s 56 en 183.

Sluiten