Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Inspecteur Generaal wil dus in hoofdzaak den tegenwoordigen toestand bestendigen en den departementschef zooveel mogelyk buiten de zaak houden.

9. Volgens deze uiteenzetting zal er dus zijn:

Een chef der afdeeling „Spoor- en tramwegen aan het Departement der Burgerlijke Openbare Werken, tevens Chef van den dienst der Staatsspoorwegen, en

een Chef van het Regeeringstoezicht op de spoorwegdiesten.

Omtrent de door die beide ambtenaren in te nemen positie en hunne verhouding tot den Departements-chef zal het wenschelyk zijn hier nog het een en ander aan te voeren om ten deze mijne inzichten geheel duidelijk te maken.

10. De Chef der afdeeling „Spooren tramwegen" houdt bureau aan of bij het Departement der Burgerlijke Openbare Werken.

Hij krijgt of neemt daar in behandeling alle op het Departement te behandelen zaken van die gemeenschapsmiddelen, ook voor zoover zij in verband staan met het regeeringstoezicht.

De daarover handelende stukken gaan echter uit van den Directeur en dragen de onderteekening van dezen Departementschef.

Als chef van den dienst der Staatsspoorwegen behoort hij dezelfde bevoegdheden te verkrijgen als thans aan dien Chef zyn toegekend, behoudens de navolgende afwijkingen.

le. de administratieve bevoegdheden, vastgesteld bn' de ordonnancie van 13 Juni 1879 Staatsblad 187, aangevuld by de Staatsbladen No. 224 van 1879 en No. 108 van 1882, zouden kunnen worden ingetrokken; wanneer dit bepaald vereenvoudiging in het geldelijk beheer zou geven.

Daar dit echter alleen het geval kan zyn wat de boekhouding betreft, doch

Sluiten