Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bijlage XXXVII.

Instructie voor het Hoofd van den dienst van het toezicht op de spooren tramwegen. (Bijblad No. 8833).

Art. 1.

1) De standplaats van het hoofd van den dienst van het toezicht op de spoor- en tramwegen is de plaats, waar het Departement van Gouvernementsbedrijven is gevestigd.

2) Hij kan voor dienstreizen, voor den duur van ten hoogste 14 dagen ondernomen, zijne standplaats verlaten zoo dikwijls hij dit noodig acht,'mits van het voornemen daartoe tijdig kennisgevende aan den Directeur van Gouvernementsbedrijven, met wiens mogelijke bezwaren door hem rekening zal zijn te houden.

3) Voor dienstreizen van langeren duur dan 14 dagen is voorafgaande machtiging van den Directeur van Gouvernementsbedrijven noodig.

4) Bij afwezigheid wegens dienstreizen, ziekte of andere wettige verhindering, zoomede bij ontstentenis van het hoofd van den dienst wordt hij voor de behandeling van de dageln'ksche zaken vervangen door een daartoe door genoemden Directeur aan te wijzen ambtenaar bij den dienst.

Art. 2.

1) Het hoofd van den dienst voert over alle zaken, het toezicht op de spoor- en tramwegen betreffende, rechtstreeksche briefwisseling met de burgerlijke en militaire overheidspersonen en lichamen, maar niet met den Gouverneur-Generaal.

2) Indien er over aan den Gouverneur-Généraal in te dienen voorstellen verschil van inzicht bestaat tusschen den Directeur van Gouvernementsbedrijven en het hóófd van den dienst, legt het Departementshoofd bij zijn voorstel aan de Regeering alle desbetreffende geschriften van het hoofd van den dienst over, indien zulks door dezen gewenscht wordt.

Art. 3.

1) Het geheele personeel bij den dienst van het toezicht op de spooren tramwegen werkzaam, is aan het hoofd van den dienst ondergeschikt.

2) Dit personeel wordt, voor zoover het niet door den GouverneurGeneraal of den Directeur van Gouvernementsbedrijven wordt aangewe-

Sluiten