Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijntrekkerij van het burgerlijke proces dan een snelle strafrechtspleging.

Daardoor zijn de arrestantenlokalen overladen geworden met voorloopige arrestanten. Daarover is geklaagd, maar in dit geval heeft menig commandeerend officier de schuld gedragen voor de zeer gebrekkige organisatie. Verder heeft de langzame rechtsbedeeling bewust en onbewust een zeer slechten invloed gehad op den arbeidslust van velen, die mee moésten werken, om overtreders te brengen voor den rechter.

Een der prae-adviseurs heeft er op gewezen, dat zich in dien tijd allerlei combinaties van gevallen voordeden. De warwinkel was soms niet uit te zoeken. Hoe hij toch uitgezocht is, was mijn zaak niet en weet ik ook niet. Er waren heel wat schuldigen, die hun portie niet hebben gehad en er loopen heel wat lieden rond, die het noodige op hun kerfstok hebben, maar niet vervolgd zijn, omdat wij niet over goede speurhonden beschikten.

Men heeft gesproken van overbelasting van de krijgsraden en men heeft uitgerekend, dat een auditeur-militair 14 adviezen per dag had te geven. Als men eens even nagaat, hoeveel uur lezen daarvoor noodig zal geweest zijn, en de geestelijke inspanning, waartoe dit leidt, ook in rekening brengt, dan moet men tot de slotsom komen, dat de rechtspleging onder de overlading ernstig geleden heeft. Reeds vóór de overbelasting begint, moet zware belasting nadeelig zijn voor hen, die hun oordeel moeten wegen.

De eerste prae-adviseur heeft gesproken over de temporaire krijgsraden, waarover een sluier hing. Mijnheer de Voorzitter! Ik was garnizoenscommandant en kreeg op zekeren dag een boefje voor mij. Ik schreef aan den auditeur-militair: ik heb een boefje, maar ik geloof niet, dat gij een rechter hebt. Wij verkeeren hier in staat van beleg en er moet dus eigenlijk een temporaire krijgsraad zijn. De auditeurmilitair gaf mij gelijk. Wij hebben toen een poosje gewacht, tot dat er een krijgsraad was benoemd en daarmede was de zaak in orde.

Als de sluier eens geheel werd opgelicht, zou het misschien wel eens blijken, dat menigeen niet voor zijn eigen rechter is gekomen.

Men had dunkt mij tegen de overbelasting wel een middeltje tot verbetering kunnen vinden. Met een klein wetje had men overtredingen kunnen brengen voor den militairen chef of voor een militairen of burgerlijken kantonrechter. Men heeft het nu met aanschrijvingen beproefd. Zoo is er van den Minister van Justitie een aanschrijving uitgegaan, waarin stond, dat de overtredingen konden worden afgedaan door den commandeerenden officier. Het gevolg daarvan was, dat bv. officieren in zeker geval in plaats van f 4.— boete 4 dagen arrest kregen, wat verscheidenen rechtsverkrachting noemden. Iedereen kreeg liever de boete dan het arrest. Die aanschrijving is toen echter voor rijwielovertredingen weer ingetrokken, de rest is blijven zwemmen. Ik merk hierbij op Mijnheer de Voor zitter, dat men, om er precies achter te komen, hoe de organisatie moet werken, thans reeds een heele lijst van aanschrijvingen moet raadplegen.

'';

Sluiten