Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

•vlakkig zouden- hooren. Wanneer een president een beklaagde voor zich krijgt, zal hij hem — ik twijfel daaraan niet — vragen, wat men een beklaagde, vragen moet; ik heb daarover echter alleen gesproken -in verband met het voor-onderzoek en gezegd, dat ik meende, dat het noodig was getuigen te hooren. Nu men dat niet deed, had het ondervragen van den beklaagde, al gebeurt dit, izooals het behoort, niet veel meer nut dan bij eene ondervraging van den president, dien ik citeerde en die, naar mijne meening, den beklaagde niet goed ondervroeg.

Wanneer de krijgsraad echter den tijd had om de zaken te behandelen zooals ik dat wensch, dan ben ik er van overtuigd, dat dit ook wel degelijk zou gebeuren, maar wanneer men in het prae-advies het getal ziet der zaken die voorgebracht zijn, zal men onmiddellijk inzien, dat behoorlijke behandeling door den krijgsraad uitgesloten is.

De president van den krijgsraad te 's-Gravenhage heeft verder gezegd, dat men een weinig consideratie met de getuigen moet gebruiken, want dat de menschen het zoo vervelend vinden om te getuigen en liever niet urenlang staan wachten te midden van het uitschot der maatschappij.

Natuurlijk is dit voor die menschen hoogst onaangenaam!, maar het is een bijkomende omstandigheid. Wanneer het voor de justitie noodig is zal men die menschen toch moeten laten komen.

Bovendien geloof ik, dat het inderdaad niet noodig is die menschen zooveel uren te laten wachten. Ik weet, bij vele rechtscolleges is dat de gewoonte; maar wanneer men een beetje het oog hield op de samenstelling van de rol en het uur van dagvaarding daarnaar zou willen regelen, dan zou dat uren wachten in den regel tot eenige kwartieren beperkt kunnen worden.

Dan nog iets over het concipieeren van het vonnis. Ik mag er iets van zeggen, omdat ik daaraan in mijn prae-advies wat ruimte besteed heb. ,

De heer van Slooten meent, dat dit werk wel degelijk zal zijn het werk van den secretaris en dat de president niets anders zou behooren te doen dan retoucheeren.

Ik heb eigenlijk altijd een beetje het land aan retoucheerwerk. Ik geloof dat het beter is een photographie te nemen, die niet meer geretoucheerd behoeft te worden dan dat men een photographie neemt, die eerst niet duidelijk is en dan geretoucheerd wordt. Dergelijke photographie is in den regel slecht.

Wanneer dus de vonnissen waren, wat zij behooren te zijn, wanneer zij zouden weergeven de opvattingen, welke de krijgsraad gehad heeft, de gronden waarop de krijgsraad gekomen is tot zijne beslissing, dan geloof ik niet, dat er iemand anders is dié geschikt is dat te doen en die het recht heeft om dat te doen dan de menschen, die zelf die meening geuit hebben. Wanneer men het opdraagt aan een ander, die daarover niet medespreekt, die er verder geen stem in heeft, die niet zijn invloed kan doen gelden op de gronden, op welke de rechter tot een bepaalde conclusie gekomen is, dan krijgt men

Sluiten