Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plannen. Hij toonde dit dan ook op vorstelijke wijze. In April 1868 zond Z. K. H. eene circulaire aan alle Loges, waarin mededeeling gedaan werd dat hij, na kennisname van het ontwerp, aan de Commissie teekeningen en plannen had gezonden van een ruim en luchtig, hecht en sterk gebouwd huis in de Nobelstraat, dat, naar het oordeel van zaakkundigen, behoudens enkele aan te brengen veranderingen, voor het aangegeven doel volkomen geschikt was. De Commissie deelde deze meening.

Bovengenoemd pand bood Prins Frederik aan de Broederschap ten geschenke aan, waarbij de kosten van verbouwing zouden kunnen bestreden worden uit de eerste helft van het legaat Gosselin.

Den Loges werd verzocht mede te deelen of zij hare goedkeuring konden hechten 1". aan het aanvaarden door het Groot-Oosten van het door hem geschonken gebouw, 2°. aan het aanwenden van de helft van het legaat van wijlen den Heer Gosselin tot het hierboven aangewezen doel.

De Grootmeester drong tevens aan op spoed, opdat in het volgend Groot-Oosten de zaak in wettigen vorm beslist zou kunnen worden, waarop hij, met het oog op zijnen vergevorderden leeftijd, hoogen prijs stelde, daar hij \ als Beschermheer, de Louisa-Stichting nog gaarne gevestigd en in werking zou zien.

Op het Groot-Oosten van 1868 werd in beginsel aangenomen, dat de Orde aanvaardt het door den Grootmeester-Nationaal in 's-Gravenhage aangekocht en tot vestiging der Stichting aan de Orde te schenken gebouw en aanhoorigheden;

dat, tot gedeeltelijke bestrijding der onkosten voor verandering en

inrichting, gebruikt zal worden de voor de oprichting bestemde helft van het legaat van den Heer Gosselin.

Verder werden alle voorstellen der Commissie aangenomen, en was het bestaan der Louisa-Stichting verzekerd.

De Grootmeester dankte de Broeders voor de genomen besluiten en smeekte Gods zegen af op het werk, waarvan in die vergadering de grondsteen was gelegd. Namens zijne Gemalin betuigde hij hare groote ingenomenheid haren naam te zien verbonden aan dien der Stichting, en deelde hij mede, dat de Beschermvrouw ƒ 3000 beschikbaar stelde voor de gedeeltelijke aanschaffing van het meubilair.

Verder bracht hij dank aan de Commissie voor hetgeen zij met zooveel ijver had verricht en benoemde hij voor de eerste maal tot Regenten de Heeren:

J. J. F. Noordziek j ^ ^ CqU yan Qroot-Officieren.

F. L. Willekes Macdonald )

Sluiten