Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

middelen in kleine plaatsen, maar daar staat tegenover, dat die plaatsen de gelegenheid missen, om de kinderen tot zeer verschillende maatschappelijke betrekkingen op te leiden. Regenten meenden dan ook verplaatsing naar een kleinere stad te moeten ontraden.

Op het Groot-Oosten van 1885 werd eene Commissie benoemd om een beredeneerd verslag nit te brengen over de verplaatsing der Stichting en over wijzigingen in de statuten.

Leden van deze Commissie waren de Heeren:

Dr. L. J. Egeung j Regenten der stichting. Y. Ykema )

C } .1 H. van Kempen, Vertegenwoordiger der Loge «Prins frredenk»

te Kotta Radja.

W. D. J. Brouwer, Oud-Voorz. der Loge «Fides Mutua.» H. W. E. Struve, Lid der Loge «Willem Frederik.» Mr. A. H. van Tienhoven, Voorz. der Loge «Acacia.»

Later werd in de plaats van den Heer Mr. A H. van Tienhoven, die de benoeming niet aannam, aangewezen de Heer Mr. J. B. van Ossenbruggen

te Dordrecht. '. . ...

Met eenparige stemmen besloot de Commissie als hare overtuiging uit te spreken dat de Stichting niet moest blijven in het gebouw in de Nobelstraat Nog daargelaten of verplaatsing buiten den Haag niet in strijd zou wezen met de bedoeling van den vorstelijken gever van het gebouw, meende de Commissie dat voor zulk eene verplaatsing in alle gevallen zeer deugdelijke gronden zouden moeten aangegeven zijn, en deze bestaan volgens de overtuiging der Commissie niet. Met zes tegen ééne stem werd dan ook besloten het Groot-Oosten aan te raden, dat de Stichting te 's-Gravenhage gevestigd bhjve. Het voorstel van «La Vertu» werd op het Groot-Oosten van 1886 afgestemd.

Inmiddels had de Gemeente een definitief bod gedaan voor een stuk van den tuin groot 6 aren en 80 centiaren, ten behoeve van de doortrekking van de Prinsestraat, van ƒ30000. Hoewel dit volgens deskundigen ongeveer de waarde was van den grond, meende toch de rechtskundige adviseur, dat de Gemeente ook gehouden was het verlies te vergoeden, daarin bestaande dat het gebouw veel van zijn doelmatigheid had verloren, want met alleen dat de tuin voor het doel niet meer geschikt was, maar ook het ziekenhuis zou

geheel moeten vervallen.

Den 27^» Januari deed de Arrondissementsrechtbank uitspraak en veroordeelde de gemeente tot het geven van eene vergoeding van ƒ 32643,20, behalve het betalen van de kosten van het proces.

Sluiten