Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om daar iets te kunnen koopen moet men zich eerst voorzien van een permissiebiljet. Voor inwoners zijn die h tien dollars verkrijgbaar voor een heel jaar, doch zij kunnen ook tot evenredig lagere prijzen voor korteren duur aangekocht worden.

Met dit biljet gewapend gaat men naar een regeeringsdrankwinkel en koopt. De hoeveelheid die men ineens koopen kan hangt af van het soort van permissiebiljet dat men heeft. Maar nu komt de truc: de regeering verkoopt Rchotsche whiskey en Engelsche gin, die zij in Engeland uit entrepot betrekt voor respectievelijk ten hoogste een heelen en een halven dollar per flesch en daarna met hare eigen schepen naar Canada brengt, voor zeven en vier dollar per flesch! Is dat niet een zoet winstje voor de diep-getroffen schatkist?

Het regeeringsstandpunt is: „publiek, je hebt het niet noodig en dus is het een luxe. Maar als je het nu absohiut hebben moet, nu welaan, dan zal je er voor betalen ook P*

De resultaten zijn het zelfde als in de Vereenigde Staten: men drinkt coüte que coüte. Echter heeft men in BritschColumbië niet de kans om vergiftigd te worden.

Want tegen de z.g. „home-brewers" en „moonshiners'* en smokkelaars wordt in Britsch-Columbië uiterst streng opgetreden, niet zoozeer omdat zij wetsovertreders zijn, doch hun clandestiene handel maakt hen tot concurrenten van het staatsmonopolie in alcoholiën, en dat is onvergeeflijk, niet waar?

Sluiten