Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 19.

1. Behalve aan de ambtenaren en beambten der politie en aan de in het volgend artikel genoemde ambtenaren, zijn de fabrikant, de importeur van alcoholhoudende dranken of de beheerder van een inrichting, waarvoor vergunning tot verkoop van alcoholhoudende dranken in het klein is verleend, gehouden den vrijen toegang tot de fabriek, opslagplaats of inrichting te verleenen aan het Hoofd van het gewest, den Voorzitter van den gewestelijken Raad of dien van den Gemeenteraad of aan de door laatstgenoemde drie autoriteiten aangewezen personen.

2. Zij zijn verplicht aan die personen alle in verband met de handhaving dezer ordonnantie door hen gevraagde hulp te verleenen en alle inlichtingen te dien opzichte te verstrekken.

Artikel 20.

Het toezicht op den invoer in Nederlandsch-lndië of op het aldaar vervaardigen van alcoholhoudende dranken wordt mede opgedragen aan inspecteurs of adjunct-inspecteurs die door den Gouverneur-Generaal worden benoemd en wier werkkring en bevoegdheden bij Gouvernementsbesluit worden geregeld.

Artikel 21.

1. Voor niet-nakoming der voorschriften vervat in de artikelen 1 en 11 tweede Hd, 12 eerste en tweede lid, 13, 16 eerste en tweede lid en 19 dezer ordonnantie, is aansprakelijk dé beheerder van eene bij het artikel 19 bedoelde inrichting, terwijl in geval de beheerder der inrichting en de houder der vergunning verschillende personen zijn en de laatste de overtreding heeft doen plegen, de houder aansprakelijk zal zijn.

2. Indien de houder der vergunning is een naamlooze vennootschap of eene vereeniging, zijn de leden van het bestuur strafbaar, tenzij zij bewijzen dat de last tot het plegen der overtreding in de vorige alinea bedoeld, buiten hun toedoen is gegeven.

Artikel 22.

1. Behalve de ambtenaren en beambten der politie en de in artikel 20 genoemde inspecteurs of adjunct-inspecteurs is het Hoofd van het gewest, de Voorzitter van den gewestelijken Baad of die van den Geaaeenteraad belast met de opsporing van overtredingen dezer ordonnantie,

2. Door hen wordt zoo spoedig mogelijk proces-verbaal opgemaakt wegens alle overtredingen dezer ordonnantie welke te hunner kennis komen.

3. De aldus opgemaakte processen-verbaal gelden als wettig bewijsmiddel der daarin geconstateerde overtredingen, mits zij voldoen aan artikel 381 van het Reglement op de strafvordering of aan artikel 295 van het „Inlandschè Reglement".

Artikel 23.

1. Door den Gouverneur-Generaal kunnen voor een gewest of voor een gemeente waarin een gemeenteraad is ingesteld, op voorstel van het Hoofd van het gewest of van den Voorzitter van den Gemeenteraad of van vereenigingen

Sluiten