Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Levend vee kan derhalve worden uitgeschakeld en dan valt in de eerste plaats de aandacht op artikelen afkomstig van vee, personen, veevoeder en pakhooi.

Ook hieraan meent men de besmetting niet te moeten toeschrijven en wel op dezen grond, dat de invoer van deze artikelen ook plaats vindt in Schotland en dat daar in de laatste 20 jaar slechts één geval van mond- en klauwzeer is voorgekomen.

Indien de smetstof wordt overgebracht door trekvogels, zouden zich de meeste gevallen voor moeten doen in het voorjaar, als de vogels vanuit het Zuiden hunne broedplaatsen in het Noorden komen opzoeken.

Dit is echter niet het geval, want in de maanden Maart, April en Mei kwamen respectievelijk 4, 1 en geen gevallen voor in de laatste 20 jaar, terwijl in Juli, wanneer de vogels niet trekken, 8 gevallen voorkwamen.

De trekvogels meent men dus ook te moeten uitschakelen, om ten slotte de oorzaak te zoeken in in de lucht zwevende smetstof.

Men is hiertoe gekomen, omdat op deze wijze alleen is te verklaren, dat de ziekte soms gelijktijdig op twee of drie ver van elkaar verwijderde plaatsen optreedt.

Toen de ziekte - hier te lande hevig heerschte, deden zich in Engeland

gelijktijdig in drie op grooten afstand van elkaar gelegen plaatsen nabij de kust

gevallen voorBovendien is het bekend, dat de asch bij vulcanische uitbarstingen opgeworpen, zeer langen tijd in de lucht kan blijven zweven en hebben de proeven

van BLACKLEY aangetoond, dat stuifmeel van verschillende grassoorten door de

lucht vanuit Noorwegen naar Engeland kan komen.

In hoeverre deze theorie juist is valt moeilijk uit te makenIndien zij juist is, zal het noodig zijn een verklaring te vinden voor het

feit, dat de in de lucht zwevende smetstof bij voorkeur in Engeland nederdaalt

en nimmer in Schotland terecht komt.

In den loop van 1920 is in Engeland een wetenschappelijke commissie

ingesteld ter bestudeering van het mond- en klauwzeer.

Deze commissie, waarvan een medicus voorzitter is, bestaat uit 7 leden,

n.1. 5 medici en 2 veeartsenDe wetenschappelijke onderzoekingen worden verricht op een in de haven

van Harwich gelegen schip, welk schip een buiten gebruik gestelde groote

mijnenveger, „Dahlia" genaamd, door ons werd bezocht.

De onderzoekingen worden er geleid door een medicus, Dr. ARKWRKSHT,

wien als assistent een veearts, Captain RlCE, is toegevoegd.

Zij kunnen beschikken over een goed ingericht laboratorium en stellen

zich voor het onderzoek zoo volledig mogelijk te doen zijn.

Sluiten