Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik heb de eer U mede te deelen, dat op 21 Juni 1920 door mij het eerste onderzoek werd ingesteld bij den veehouder P. v. egmond te ' waarvan dien morgen 9 der ergste ziek ziinde runderen door Dr. monné behandeld waren geworden ; verschil tusschen de behandelde en de andere zieke dieren was er voor mij dien dag niet. In het geheel waren 22 zieke runderen van de 36 aanwezige intraveneus behandeld. Op 26 Juni d.a.v. was er evenmin verschil tusschen nL behandelde en behandelde dieren waar te nemen, ofschoon de veehouder Zelf eerst nog van gedachte was, dat de ziekte Hchter zou verloopen. Echter bleven en van de behandelde èn van de met behandelde er dieren *j die ernstig ziek waren terwijl zeere tepels hier en daar voorkwamen. Volgens den eigenaar zou het middel voor 1 moeten bijdragen tot het voorkomen van zeere tepels en zeere klauwen, doch op 3 Juh deelde de veehouder mij mede, dat zijn koeien ergen last hadden van zeere tepels Het middel behoort dus tot de rubriek der vorige door mij onderzochte gevallen.

A62. Middel van J. VAN PERNIS te Nieuwersluis, gecontroleerd door den districtsveearts, den heer Dr. A. A. OvERBEEK te Rotterdam, d,e daarover mededeelt. Ingevolge uw verzoek heeft de heer J. VAN PERNIS onder mijn controle zijn

middel gedemonstreerd. _ . ,

Het door hem opgegeven veebeslag van M. Zevenbergen te Poortugaal was voor de proef niet geschikt. De demonstratie is geschied bij runderen van C A. DE BRUIN, L. Rottekade No. 1 te Hillegersberg.

' Het middel bestaat * een wit poeder waarvan ieder rund dagelijks ongeveer no gr. wordt toegediend met een flesch van (800 gr.) karnemelk of wet

Na een tiendaagsche behandeling zou gedurende ongeveer 40 dagen immu-

^ tn^en VAN PERNIS geen proefdieren beschikbaar kan J**^ worden onTrzocht of het middel inderdaad in staat is onvatbaarheid voor mond

en klauwzeer teweeg te brengen. runderen, Voor onderzoek naar de curatieve werking dienden bij DE BRUIN 8 runderen,

waarvan 4 werden behandeld en 4 niet.

Van de 4 behandelde waren 3 aangetast en eén vnj ; van de niet

handelde evenzoo. waren twee

De behandeling werd begonnen op 29 Mei. ten weeK

met behandelde dieren hersteld of bijna hersteld. Volgens eigenaar en VAN

PERNIS waren deze dieren slechts licht ziek geweest.

Een derde niet behandelde koe was toen nog erg stijf, en gaf een

der vroegere hoeveelheid melk. M .

De vierde niet behandelde e„ op *> Mei nog genoode koe, was 3, M«

i geworden en bij be« tweede onderga nog *k, Ze a, te wenng en ga<

een derde der vroegere melk.

Sluiten