Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vorming in den mond, aan de tong en m de tusscnemuauwspieet, «au i~ geen invloed.

De erosies aan het slijmvlies waargenomen en de tusschenklauwverzwenngen als gevolg kwamen even zoo vaak voor; het genezingsproces duurde blijkbaar even lang. Clinisch werden geen verschillen ten voor- of ten nadeele van het tryposafrol waargenomen. Van een curatieve werking van het tryposafrol is mij niets gebleken.

4 Als regel wordt de melk niet, de faeces na 2 tot 3 dagen, dus na 20 tot 30 gram te hebben toegediend, paarsrood gekleurd. Overigens heeft deze kleuring des te eerder plaats, naarmate het dier met groen voeder of met slobber is gevoederd. Eenige dagen later treedt zij op bij dieren, die uitsluitend met droog voeder worden gevoed. Verkleuring der urine trad niet altijd op en deze was ook veel minder intensief. In twee gevallen werd diarrhee waargenomen, echter is de oorzaak hiervan veeleer te vinden in het toedienen van bietenblad, dan aan de werking van het tryposafrol.

Op grond van bovengenoemde waarnemingen verdient de aanbeveling van tryposafrol tegen mond- en klauwzeer bij het vee dan ook volstrekt geen bijzondere aanbeveling, waar alt niets is gebleken, dat het hierop een gunstigen invloed uitoefent, nog minder de ziekte voorkomt en ook op de zoo gevreesde tusschenklauwontst'eking, noch wat het ontstaan daarvan, noch wat de graad van dit lijden betreft, eenigen invloed ten gunste doet waarnemen.

(w.g.) J. H. PICARD.

Sluiten