Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

brengen. Werden echter na deze inspuiting de dieren toch aangetast, dan was het verloop in den regel goedaardig.

Het is niet aan twijfel onderhevig, dat het immuunserum het meeste effect heeft wanneer het preventief wordt aangewend bij gezonde vooral jonge dieren op besmette erven.

Aangezien op erven waar het mond- en klauwzeer uitbreekt de natuurlijke infectie in den regel in weinige dagen plaats* heeft, verdient het geen aanbeveling de opzettelijke besmetting onder zulke omstandigheden in praktijk te brengen, welke besmetting bovendien te intensief is en om tal van redenen geen aanbeveling verdient.

Bij de aanwending van immuunserum op verdachte erven waren vooral de resultaten gunstig bij nog gezonde kalveren en varkens, voornamelijk bij biggen.

Men moet aannemen, dat de smetstof van het mond- en klauwzeer, nadat zij in het lichaam van het dier is doorgedrongen, in het bloed treedt en dat van* uit het bloed eene eruptie plaats heeft, waarbij op de bekende plaatsen blaren tot ontwikkeling komen en eene besmetting van organèn volgt.

Wanneer echter voldoende serum (anti-lichamen) in het dier aanwezig is, voordat de smetstof in het bloed is doorgedrongen, dan schijnt het serum een remmenden invloed op de verdere ontwikkeling der smetstof uit te oefenen, waardoor eene localisatie der smetstof niet of slechts onmerkbaar intreedt.

Treedt deze nochtans toch op, dan draagt zij gewoonlijk een meer goedaardig karakter. •

De seraminspuiting op verdachte erven, in verband met de natuurlijke infectie, moet als eene simultaan-enting (serum en entstof) opgevat worden.

Uit de ingekomen berichten en mondelinge mededeelingen mag men besluiten, dat hierbij, ongeveer eender als met de seruminspuiting tegen de varkenspest op erven, waar de varkenspest is uitgebroken, eene permanente immuniteit kan optreden. Bij de varkenspest kan ook de natuurlijke besmetting en serum tot eene permanente onvatbaarheid (actieve immuniteit) aanleiding geven.

De vraag behoort in overweging genomen te worden: „op welke wijze kan men zich steeds een voldoende hoeveelheid serum waarborgen?"

De beantwoording dezer vraag is niet gemakkelijk en het komt mij voor, dat zoodra de Staatscommissie haar rapport heeft uitgebracht, dan eene andere Commissie behoort benoemd te worden, die deze vraag onder de oogen heeft te zien.

In verband met het medegedeelde is het verkeerd op erven, waar het monden klauwzeer reeds is uitgebroken, de niet aangetaste dieren bovendien nog opzettelijk te besmetten, aangezien de natuurlijke infectie, zooals ik reeds gezegd heb, in tijd van enkele dagen haar werk voltooit. De natuurlijke infectie is te prefereeren boven de opzettelijke besmetting, omdat men bij deze laatste wijze

Sluiten