Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1232/241). Mat (ali% van /a«rfa«-bladreepen diagonaal gevlochten. — Gebruikt om op te slapen. Toradja's. L. 145, br. 61 cM.

1926/399. Als voren (pmba%), doch van een dubbele laag fijne palmbladreepen diagonaal gevlochten. Parigi. L. 181, br. 49 cM. i '

1926/402. Als voren (pmba), doch zigzagvormig gevlochten van ongekleurde en roode reepen, waardoor een patroon van breede zigzagbanden gevormd wordt. Aan de hoeken een ongekleurde of roode driehoek. Beschadigd. Parigi.

L. 215, br. 65 cM.

1926/400. Als voren (pmbd) doch uit twee lagen diagonaal vlechtwerk bestaande; de onderste ongekleurd, de bovenste paars en lichtrood; in het midden een rechthoek, bestaande uit een aantal driehoekjes. Paarse dwarsbanden over de geheele breedte der mat. Parigi.

L. 147, br. 48 cM.

1926/397. Als voren, doch van een dubbele laag ongekleurde reepen diagonaal gevlochten; de bovenste laag fijner dan de onderste. Met een smalle strook rozerood en een breede strook steenrood katoen omboord. M.

L. 176, br. 57 cM.

1926/398. Als voren, doch in de bovenste laag vlechtwerk is door bruine reepen een patroon van vierkanten en rechthoeken gevormd, die met groote of kleine, ruitvormige figuren gevuld zijn. In het midden een rij concentrische vierkanten, van onderen en boven door drie rijen ruiten omgeven. De lange zijden met een smalle strook paars en een breede strook oranje katoen, de smalle zijden met een smalle strook rood en een breede strook paars katoen omboord. M.

L. 194, br. 65 cM.

1926/396. Als voren, doch in het midden der bovenste laag vlechtwerk is door groene, roode en paarse reepen een rechthoek gevormd, die bestaat uit rijen driehoeken, ruiten en schuine, evenwijdige strepen, door groene strepen dwars doorsneden. De lange zijden met smalle strooken zwart en groen en breede strooken rood katoen, de korte zijden met smalle strooken wijnrood en groen en breede strooken gebloemd katoen omboord. Aan de hoeken een hoornachtig vertakt figuur van gouddraad op zwart katoen en in het midden der korte zijden een dergelijk figuur van gouddraad op een halvemaanvormige strook rood katoen. M.

L. 182, br. 58 cM.

1647/862. Dubbele zitmat (baile noempoe*), van diagonaal gevlochten pandanreepen (iambori), bestaande uit twee op elkaar genaaide matten, de onderste het grootst, dubbel en uit ongekleurde reepen bestaand, omboord met smalle en breede reepen in allerlei kleuren (rood, blauw, groen, paars); de breede rand heet pongoempoe% de smalle pokandoekoe4). Nabij het eene einde zijn hierop een halvemaanvormige en twee driehoekige, uitgeschulpte stukken katoen genaaid, waarop geborduurde krullen en spiralen van zilverdraad en ronde metalen plaatjes. De bovenste mat eveneens dubbel, van fijnere vezels dan de onderste, omboord door eene breede strook rood en oranje katoen, door twee smallere, groen en oranje gevolgd. Op het middengedeelte is in een grooten rechthoek door overvlechting van paarse en groene vezels een patroon gevormd, uit verschillende evenwijdige banden bestaande: rijen door

1) Serie 1232 don. A. C. Kruyt, Nov. 1899.

2) Adriani en Kruyt, II, 329. — KrüVT, Woordenlijst, 6 s. v.

3) KrüVT, Woordenlijst, 48, s. V. omba.

4) Jasper, Vlechtwerk, 118.

Sluiten