Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43/95—9*5. Halsband (doeba-doeba), als voren, doch samengesteld uit zes (96) of tien (95) strengen geurige hout- en wortelstukjes, kruidnagels, uienschillen, enz., bij n° 95 gescheiden door acht houten dwarsstokjes. — Versiersel en tevens amulet voor meisjes en kinderen van lageren stand. Gorontalo.

L. 42 en 54 cM.

905/17 !). Halssieraad, bestaande uit een groot aantal, aan een dun koord geregen, bolvormige, cylindervormige en achthoekige, blauwe, groene, gele en roode kralen, enkele oranje (antieke?) cylindervormige kralen van aardewerk en kleinere bolvormige en cylindervormige, houten, met bladgoud bekleede kralen. Daar, waar de einden van het koord met elkander zijn verbonden, zijn drie kwastjes van kralen, met bladgoud bekleede cylinders en gouden ringetjes gevormd. Minahassa.

L. 47 cM.

905/29. Als voren (wiwin2) mandas), van aan een reep wit katoen geregen gele en groene bolvormige en roode achthoekige kralen, alsmede oranje aarden (antieke?) cylindervormige kralen. Minahassa.

Dm. 7 cM.

905/30. Als voren (wiwin *) kelana), vaft aan een reep rood katoen geregen geelkoperen ringetjes en cylindertjes. Minahassa. Dm. 9,1 cM.

43/67. Borstversiersel (petüi), van gegoten koper, in den vorm van een achtbladerige bloem, met krullen en spiralen en reliëf versierd. Het midden doorboord, om het aan een touwtje te rijgen. — Wordt kinderen om den hals gehangen. Gorontalo.

Dm. 5,6 cM.

402/25 4) en 1456/142. Armringen (batakengs), van ivoor, n° 25 een paar, rond, in doorsnede rechthoekig; bij n° 142 aan de buitenzijde drie onduidelijke, rondgaande groeven. 25: N., 142: oud voorwerp der Bantiks. Menado.

Dm. binnen 8 en 7,5, br. 3,2 en 2,7, d. 0,9 en 1,1 cM.

695/146). Armband, van schelp, met vele verticale insnijdingen. Minahassa.

Dm. 5,5, d. I cM.

43/110. Armbanden (toetoet), een paar, van schelp, de buitenzijde herhaaldelijk ingekeept. — Door vrouwen en meisjes uit den aanzienlijken stand om den pols gedragen. Gorontalo.

Dm. 5,9, d. 0,7 cM.

43/90. Mannenarmband (singt), van buffelhoorn, de uiteinden elkaar niet rakend, de buitenzijde met vele inkepingen. — Wordt om den pols gedragen. Parigi, Gorontalo.

Dm, 7,4, d. 1,2 cM.

43/92. Armbanden (hoetd1), van lichtroode kralen, gescheiden door kruisen van bruine kralen, met grootere groene kralen als sluiting. — Voor kinderen en jonge meisjes. Gorontalo.

Dm. 7,3 cM.

1) Serie 905 aankoop Rotterd. Zendelinggenootschap, Oct. 1892.

2) Schwarz, Tont. Wdb. 615, s. v.

3) Schwarz, Tont. Wdb. 615, s. v.

4) Cat. Kol. Tent. Amst. 1883, io<= kl. n° 382/24. — N. St. Crt. v. II Sept. 1884, n"> 214.

5) Meyer nnd Richter, Celebes, I, p. 6, n° 208. — Riedel in /. A. f. E. VIII, 106.

6) Serie 695 leg. van Rosenberg, Jan. 1889.

7) Schröder, Gor. Wdl. 22, s. v. armband.

Sluiten