Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1647/1126. Bankmat (tikar bangkoej"), van diagonaal gevlochten, ongekleurde «7ar-bladreepen, alle randen met zelfkant. Door overvlechting met zwarte en roode reepen zijn breede, zwart geblokte, schuine banen, tusschen smallere roode gevormd. Aan eene zijde de langsranden effen gehouden; op die zijde eenige onregelmatig ingevlochten roode reepen. Tondano.

L. 216, br. 35 cM.

1647/1123. Als voren, doch van diagonaal gevlochten, rood gekleurde silar-bladreepen (Corypha umbracu/ifera1). Door overvlechting met ongekleurde pepesetin13)biezen zijn, behalve aan de randen, schuine banen van groepen van vijf uit kruisen of driehoeken bestaande strepen gevormd. Tondano.

L. 207, br. 33 cM.

1647/1128°. Als voren (tikar bangkoej"), van diagonaal gevlochten w/ar-bladreepen en pepeselên-ve.ze\s, doch geel, grijs, wit,' rood en zwart, met een patroon van elkaar loodrecht kruisende, geblokte banen in verschillende kleuren. Aan vier randen zelfkant. Tondano.

L. 150, br. 43 cM.

1647/1122. Als voren, doch onregelmatig zigzagvormig gevlochten van ongekleurde, roode en zwarte pepeseleu-bïezen en -rzYar-bladreepen. Patroon: de randen rood, de langsranden en een deel van de korte einden met rijen effen vierkanten tusschen driehoeken besloten of rijen, door diagonalen gedeelde, tweekleurige vierkanten; op het grootste middengedeelte rijen vierkanten met een kruisje als kern*), alles doorkruist door breede, schuine, ongekleurde, zwarte of roode banen. Tondano.

L. 287, br. 31 cM.

1647/1127. Als voren (tikar bangkoej"), doch van gele, roode, paarse en groene ïtfiw-bladreepen en pepeselïn b'ieztn onregelmatig gevlochten. Patroon: nabij de einden .rijen schuine vierkanten, door driehoeken ingesloten; het middengedeelte omgeven door concentrische, uit schuine streepjes bestaande randen; dit gedeelte in vierkanten verdeeld, ieder met een groot kruis, dat weder in vierkanten verdeeld is. Dwars over alles schuine paarse of groene banen. Tondano.

L. 185, br. 38 cM.

1647/1136. Als voren, doch van ongekleurde en zwarte, meerendeels diagonaal gevlochten «Tzr-bladreepen; het patroon wit op zwart, de andere zijde omgekeerd. Evenwijdig aan den omtrek twee rijen streepjes als randen, daartusschen een maeanderlijst met rechthoeken in de bochten. Op het middengedeelte door strepen in vierkanten verdeelde groote kruisen, of dergelijke kruisen, door strepen gevormd en met schuine kruisjes gevuld; alles in regelmatige rijen en in vierkanten verdeeld. Aan de korte einden eenigszins onregelmatig geblokt. Tondano.

L. 170, br. 63 cM.

1647/1135. Als voren, doch het patroon bestaat uit: evenwijdig aan de randen rijen schuine strepen; tusschen de aldus gevormde lijsten rijen dubbele streepjes; binnen den binnenrand driedubbele loodrechte strepen en de aldus gevormde vierkanten in negen kleinere verdeeld, die elk een achtpuntige ster met kruisje als kern bevatten4). Dwars over alles elkaar loodrecht kruisende bruine en roode banen. Tondano.

L. 176, br. 70 cM.

1647/1119. Mat, van diagonaal gevlochten, groen gekleurde «7«r-bladreepen. Door overvlechting van roode, gele en witte vezels is aan eene zijde een patroon gevormd:

1) Filet, n° 1528.

2) Jasper, Vlechtwerk, 36.

3) Vgl. van Hasselt, Atlas, pl. LXXVII, fig. 4.

4) Vgl. van Hasselt, Atlas, pl. LXXVI, fig. 2. — Jasper, Verslag 2* Jaarmarkttentoons t., pl. 23, fig. 9, II, 13, 17, 18, 21.

Cat. Rijks-Ethn. Museum, Dl. XIX. 6

Sluiten