Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1647/12110-/. Patronen van ligmatjes, diagonaal gevlochten van bladeren, een aan riviermondingen voorkomende grassoort. Rechthoekig, de randen met zelfkant. Patroon van:

ï"ïfl.epa^rsPmet'enkele schuine, groen of ongekleurd geblokte banen.

"li*. Jaars met enkele schuine, groen, donkerpaars of ongekleurd 8*1°^*^

121 ic. onregelmatige, geblokte of gestreepte roode, paarse, groene en ongekleurde

'^riï6 paarse vierkanten met blokjes aan de hoeken, besloten tusschen rood, groen

^ïSlïS^W^ of rood en groen 1^^int~^n;

""/. roode vierkanten met blokjes aan de hoeken op groenen grond. Limbotto, (Gorontalo).

L. 30—42, br. 22,5—29 cM.

43/54. Kam (hoeheidoe*), van een weeftoestel, het raam van gaba-gaba (de bladsteil'der sagopalm =Metro^ylon Rumphii Mart."), de tanden van bamboe. Gorontalo. L. 90, br. 9,8 cM.

,70/266 Weeftoestel*), onvolledig, bestaande uit: een borstboom, een kettingboom een lineaal van bamboe met scherpe punt, een cylindervormige roller en eenige pktte of cylindervormige, waaronder een gedraaid'), houten staven. Ook een stuk van een scheringsraam. Menado.

L. 38—49 cM.

,57/27. Als voren, doch bestaande uit een juk van licht geel hout, een borstboom, vai twee in elkaar passende planken met uitsteeksels aan beide einden»), ketting.Smrgevuld met zesratelende bamboekokertjes7), een kam van bamboe, een houten zwaard8 een oplichter met puntig uiteinde en spanstokjes Ook een bankje om het zwaard op te leggen en een model van een schenngraam«). Menado.

L. juk 23,5, 1. borstboom 16, 1. kettingboom 23,5, 1- ^aard 19,2, 1. kam 34,2,1. schenngraam 34, h. 22 cM.

43/61 Weefsel (laiahoe*), van «Var-bladreepen rechthoekig gevlochten. - Tot het malen van zakken, zeilen voor kleine vaartuigen enz. gebruikt. — Gorontalo. L. 143, br. 81 cM.

% &kkT^^; .06, , v. „kam". - 'Meyer und Richter, Etkn. Mist. II, pL II,

flir. IA.

4j Vgl Sr^C^rT^. JB--«-, Pl- H, fig. 12-22. - jasper Weefkunst p 117 fig 99I100. - In Bolaang Mongondou wordt niet meer geweven (Kaüderh,o. c. 1,98.)

5) Dit is waarschijnlijk de oplichter (Meyer und Richter, L c. pl. II, fig. 16).

6) Meyer und Richter, Celebes, I, pl. XII, fig. 2.

7) Meyer und Richter, Ethnogr. Mistellen, II, 42.

s\\ o f n ïi met Dl. IL fie. ii. — Idem, Celebes, I, 4« «net P1- xn, '4-

S £hrödrr Ö£ Wdi 169, s. v. „zeil".' - Vgl. over de weefkunst in Gorontalo: Meyer

Jtto^EttZgrMisteïUn, II, 54-57- - von Rosenberg, Reistogten, 30. - Jasper.

Weefkunst, 180—181 met pl. 12 en 13.

Sluiten