Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit Amsterdam van 4 Aug. 1672 is alleen in vertaling bewaard, doch naar het mij voorkomt van denzelfden schrijver afkomstig. Blnkens zijne spelling is hij een in het Nederlandsch schrijvend Duitscher.

Hand Q. — Engelsch. — Schrijft 3 Aug. 1673 uit Rotterdam. — Zou translaat uit het Nederlandsch kunnen zijn.

Hand R. — Fransch. — Schrijft 10 en 29 Aug. 1673 uit den Haag.

Hand S. — Fransch. — Schrnft 25 Aug. 1673 uit Amsterdam.

Voorts is nog opgenomen een als translaat (in het Fransch) gemerkte brief van 26 Aug. 1673 uit Middelburg, waarvan het (blijkbaar Nederlandsche) origineel niet bewaard is.

Britsch Museum, Londen. — Harley 6845: zie Brugmans, bl. 345. Ons n°. 199 wijkt in redactie sterk af van wat Narbrough over den slag bij Kijkduin opneemt in zijn journaal, gedrukt in deel III der Darmouth-papers in de uitgaven der Historica! Manuscripts Commission (London 1896), p. 27.

Bodleian Library, Oxford. — Rawlinson A 195 en 197 zijn uit de Pepys collectie (Brugmans, 451). — Tanner 42; Brugmans 436.

Worcester College, Oxford. — Ms. 40: Brugmans 496.

Magdalene College, Cambridge. — Ons stuk is uit deel IX van de Miscellanea der Pepysian Library (niet bij Brugmans; beredeneerde catalogus door Tanner in' de uitgaven der Navy Record Society — De titel der bijlage waaruit ons citaat is genomen, luidt: „Observations concerning the Dominion and Sovereignty of the Seas". Aan het citaat gaat vooraf een betoog dat het saluut geen erkenning is van de Britsche souvereinteit over de vier zeeën. Wel wil schrijver het visschen op de Engelsche kust aan de Nederlanders verboden zien „without special licence", doch „with a corresponding restriction on the people of Oreat Britain and Ireland as to the coasts of Holland, Zealand and Friesland". — Aanvankelijk was ik van meening, dat Meadow's memorie van 1686 zou zijn evenals zijn brief aan Pepys, doch sedert is mijn oog gevallen op Calendar 1673, p. 242, waaruit blijkt dat Bridgeman het stuk reeds 23 Mei 1673 aan Wüliamson heeft toegezonden als een document dat volgens Arlington van belang kon zijn bij de onderhandeling te Keulen („Showing it to Lord Arlington, he directed me to send it you").

1) Zie inl. op vorig deel, bl. XXVIII. II

n

Sluiten