Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn aanwezigheid — Préveux had, nu Henriëtte Amélie hersteld was, zijn bezoeken hervat — dreven in de Mirabeau een woedenden tegenstand op, doch Henriëtte's fierheid verzette zich ertegen aan zijn wantrouwen tegemoet te komen, door Préveux een wenk te geven, zijne bezoeken te staken. Al dwazer en ongerijmder scheen haar dat wantrouwen, nadat de Mirabeau jarenlang de vriendschap tusschen haar en Préveux als vanzelfsprekend had beschouwd.

Henriëtte raadde, dat iemand dat wantrouwen moest hebben gewekt en het gaande hield. Een vrouw, vermoedde zij,

En het stak haar, dat die vreemde daartoe in staat was; dat bewees, hoe de Mirabeau wezenlijk meer voor deze onbekende voelde dan voor één' der vrouwen aan wie hij zich soms voor korten tijd gegeven had. Dan was het altijd een afdwaling geweest, een vergissing, die hij bijna terstond in nederigheid en berouw erkende; de naam der andere was hem tegenover Henriëtte bijna onwillekeurig ontglipt, als iets minderwaardigs, dat nauwelijks telde in haar

Sluiten