Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

denissen, kan bij tot een waarachtig inzicht van eigen waarachtige tekorten nimmer komen.

Zoo is Rochefoucaulds argument evenzeer juist en zuiver als dat van Fichte, die zich verdedigde met de betuiging, dat zijn uiting „Er is geen andere God dan de zedelijke wereldorde", overeenstemt met de uitspraak van Jobannes: „God is Liefde" — maar dit kon geenszins beletten, dat Fichte als „atheïst" werd verjaagd!

Hartstochtelijke naturen zullen zich daar altijd over opwinden — ze vergeten dan, dat de collectiviteit maar in schijn argumenteert en dat ze zich, gelijk in „Le Cid" en „Onna" duidelijk blijkt, slechts bij monde harer (zeer „zedelijke" maar niet over-snuggere) steunpilaren van „beginselen" bedient, inderdaad niet anders beo ogend dan eigen gestelde orde en instandhouding en zich dus tegenover de ontbindende redelijkheid noodzakelijkerwijs redeloos en gewelddadig moet gedragen. Het denkende individu daarentegen tracht altijd weer, en dikwijls tegen beter weten in, door werkelijk argumenteeren een collectiviteit in haar vertegenwoordigers van haar onrecht en ongelijk te overtuigen — b.v. door „Open Brieven" aan staatshoofden — omdat hijzelf, als individu, mogelijkerwijs daardoor overtuigd zou kunnen worden, en daarin ligt het eeuwige misverstand. En dit besef is het wat het lezen van aanklachten tegen de collectiviteit, van verdedigingen, apologieën zoo aandoenlijkroerend maakt, te beginnen met die van Sokrates en te eindigen met die van madame De Stael. Want tegenover soortgelijke uitingen in onze eigen dagen — „Open Brieven" aan staatshoofden en „Oproepingen" aan volkeren om „in naam van rechtvaardigheid en christelijkheid'' dit of dat te doen of na te laten — voelt men onwillekeurig ietwat anders. Het is precies alsof men iemand hoorde betoogen tegen een paal of tegen den Westenwind — in het eerste geval uit verheven

Sluiten