Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarde en de waardigheid der theologie overbodig. Waarom zoude ik „God", „Vrijen Wil", „Onsterfelijkheid" niet mogen weg-redeneeren — aldus is Kants gedachtengang — waarom zou ik de stupide subtiliteiten der theologen niet mogen weerleggen, daar de goe-gemeente ook zonder hun „hokuspokus" uit de kracht van het spontane geloof aan „God", „Vrijen Wil" en „Onsterfelijkheid" gelooft en evenmin aan hun argumenten steun als aan de mijne twijfel ontleen en kan! Laten de theologen zieleherders zijn, maar laten ze afblijven van de filosofie. Hetzelfde misverstand als bij Spinoza. Rechters willen geen „dolle-hondien-schieters" en theologen geen politiemannen worden genoemd, al z ij n ze het beiden! Beiden moeten minstens gelooven dat hun ambten verheven en hun waarheden onomstootelijk zijn, aan minder kunnen zij zich niet staande houden. En hoe weinig kende de naïeve Kant de „goe-gemeente", wanend dat haar leden zich kunnen tevreden stellen aan een eigen innerlijke overtuiging, niet beseffend, dat juist dé massa's, zonder de bewijzen te willen begrijpen of controleeren, altijd de hokus-pokus het meest van noode hebben, die hun illusies tot waarheden en hunne ficties tot dogma's verheft. Bovendien is de theologie er ook niet voor de geloovigen, voor de onderworpenen, maar voor de weerspannigen en weerstrevenden. Dat weet ze zelf het best en daarom toont ze nog immer als Janus haar dubbele aangezicht en spreekt uit dubbelen mond, één tot de gemeente gekeerd, die van „geloof" en „vertrouwen" gewaagt, geen woord rept over „bevoegdheid" en de grofste geestesarmoe het grifste zalig prijst — en één tot den denkende gekeerd, die bij een begin van twijfel, een begin van scepticisme tegenover de kromste exegese, de willekeurigste redeverdraaiing met „oerteksten" en documenten, handboeken en preekenbundels rammelt. Van een heele kudde „geloovigen" eischt geen zieleherder een uitgebreider „bevoegdheid" dan

Prometheus. 27

Sluiten