Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bestemming — Lucifer heeft zich van den Almachtige losgescheurd, Cain zou het willen, maar kan niet, is zijn maaksel, onder zijn macht, zijn eeuwig slachtoffer! Al» eenmaal zijn vader Adam, voor wiens schuld hij weigerde te boeten, loopt ook hij in „Gods valstrik" — die de Dood niet leerde kennen, wordt in onkunde zijns broeders moordenaar — zóó worden menschen geboren, streven naar hun Morgenster, loopen in „Gods Valstrik", beladen zich met schuld door de onwerendheid en ontoereikendheid, waarin hen hun Maker Het, dolen over de aarde en gaan ten onder in hun smart.

Lucifer is Prometheus — doch hij gelijkt naar den Prometheus van Goethe, meer dan naar dien van Shelley. Geen geluk belooft hij, geen geluk brengt bij, geen geluk begeert hij voor zichzelf, dan de kracht om in eeuwigheid eenzaam weerstand te bieden tegen Jupiter's oppermacht. Veel feller echter is hij en veel verder gaat hij in zijn verzet dan Goethe's Prometheus, die geen compromis, geen verzoening afwijst — maar hierin zijn ze gelijk, dat ze voor eigen vrijheid opstonden, niet voor anderen; dat hun eigen werkzame geest het slaafsche juk niet duldde «n naar | edeler bezigheid streefde dan naar eeuwig jubelen voorden | troon van een starren Tyran.

En het was juist om dien trek van zuiver-persoonlijke ambitie — welke die tijd van de Lucifergestalte nog niet losmaken k o n — dat Byron wèl, maar Shelley niet eigen wezen in Lucifer's wezen terugvinden kon. In beider oordeel spiegelt zich beider gemoed. Shelley erkent in de voorrede van zijn „Prometheus Unbound", dat Lucifer den Prometheus in grootheid nadert, maar Prometheus' beweegredenen waren verhevener, hij trad anderen ter wille in Verzet!

Hoe treffend blijkt uit dezen voorkeur de verwantschap

Sluiten