Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Bonald kan worden gezegd dat hij „out-herods Herod" als men zijn onwetenschappelijk razen en tieren tegen de Reformatie vergelijkt met den geest van Bossuets „Variations".

De geheele Roomsche Restauratie-litteratuur vertoont de ziekelijke overdrijving, het dolzinnig fanatisme van menschen, die met geweld overtuigen willen, terwijl ze zelf niet overtuigd zijn en weten dat ze de besten toch niet zullen overtuigen. De waardige, breede boetpredikaties van weleer zijn tot giftige en kleingeestige polemieken ontaard.

Bossuet speurt en vindt in alle dingen de Goddelijke tusschenkomst, „geloof" en „politiek" zijn in hem innig tot één verweven — in De Bonald's „Théorie du Pouvodr" echter bestaat tusschen het „religieuze" gedeelte en het „politieke" gedeelte even weinig verband als tusschen Christelijk geloof en anti-revolutionnaire politiek. Met de goochelaars-handigheid, die hedendaagsch politiek Christendom nog immer kenmerkt, ergoteert de oprichter van „Le Conservateur" in een paar bladzijden Godsbestaan en Erfzonde in elkaar — om daarna, als met een zucht van verlichting, daar nu immers al het volgende bij voorbaat „bewezen" is en elk verzet reeds vooraf als godslastering gebrandmerkt, de goddelijke noodwendigheid te bepleiten van een maatschappij, waar de adel baas is, waar de vrouwen zwijgen, de jeugd door priesters wordt klaargekneed tot onderworpenheid, nadat de jonggeboren vrijheid van spreken en schrijven met die „logisch bewezen" goddelijke grondslagen in schromelijken strijd is verklaard.

Wel heeft de kerk leergeld gegeven, dat ze van Descartes' leeringen het gevaarlijke niet heeft onderkend. De Bonald is er nu achter en wacht zich voor elk beroep op „innerlijke overtuigingen", waarvan de tijd heeft geleerd, wat er het ongeloof mee uitrichten kan. De „algemeene opinie"

Sluiten