Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jij levensdrang, die de diepste bron is van al zijn . dwalingen err ( misvattingen — zoodat hij zal moeten blijven dwalen en misvatten, zoolang hij leven wil — de Eenheid te begrijpen als een Proces, en alle gebeuren als een geleidelijke ontwikkeling. Zóó begrijpt zich de Eenheid als een eeuwige gang van zelfontplooiing en zelfherneming in den geest der groote filosofen van de achttiende en negentiende eeuw.

In hen het zuiverst, maar niet in hen alleen: de algemeene intuïtie van den tijd wordt in hen tot scherp en klaar begrip.

Dit besef is onvergetelijk, dit licht wordt nimmer meer gedoofd — en het beduidt de ondergang van het oude dogma-geloof — 't welk gebaseerd is op de opvatting, dat eenig ding, eenige opvatting of instelling — ooit van blijvenden aard zou kunnen zijn. Door het inzicht in der dingen eeuwige veranderlijkheid is de denkende dit geloof voorgoed ontwassen, kan hij niet meer terugkeeren in een daarop steeds gebaseerde kerkelijk-politieke collectiviteit.

Doch het autonome karakter van het moderne denken heeft hem nog op andere wijze voor altijd vrij-gemaakt. Reeds voor Kant schept, krachtens die leer van de Zuivere Rede, het denkende individu zijn eigen wereld — al blijft het „Ding an Sich" de band, welke het juist-gerijpte denken nog aan de oude wereld van dogma's, stelligheden en „objectieve waarheden" verbindt — krachtens de leer van den. Categorischen Imperatief is hij in die wereld ook zijn eigen meester, zijn eigen rechter en deze dubbele, intellectueele en moreele autonomie, waarvan de Fransche Revolutie een poging tot zichtbare verwerkelijking beduidt, maakt hem dubbel ongeschikt tot een critiek-loos terugkeeren in eenige collectiviteit. De Renaissance heeft sterke gevoelens van

eigenmachtigheid en vrijmachtigheid gekend de

achttiende eeuw voert ook hier intuïtie op tot besef,.

Sluiten