Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zal reiken, aandeel hebben door zijn „goede daden". M. a_ w.: de onderscheiding „goede daden" en „slechte daden" is bij dit „eerste thema", in dit eerste stadium van zelfbewustzijn nog ongerept gebleven.

Doch het zelfbewustzijn schrijdt immer verder en laat ook dit dieper, persoonlijker, dogmatisme niet ongerept. En dit gebeuren zien we voor ons als een

Tweede thema.

De mensch is dus ontoereikend. Hij is geboren om, als Byron's „Kain", voor zoover hij denkt en wil, in „Gods valstrik te loopen", zich te beladen met schuld en tot boete te sterven. Uit den mond van Brand's vrouw, die bezwijkt, nadat ze het hoogste heeft volbracht, krijgt het oude woord

I een nieuwen zin: „Wer Gott schaut stfirbt." Het Volmaakte schouwen ss begrijpen = zijn, beduidt de opheffing der per-

1 soonlijkheid, die zich in onvolmaaktheid, beperktheid, eenzijdigheid (distinctie) handhaaft en staande houdt, het is doodsgrondslag, geen levensgrondslag. In Hebbel's „Genoveva" zegt Golo hetzelfde „ ... Liebe, du bist nicht Leben,

du bist Tod, ja Tod "

Maar, de eens volbrachte goede daad, het goede streven*

als aandeel in het Volmaakte ? Laat ons zien.

In „Brand" ontplooit zich de nazaat van Odoardo Galotti, van Robespierre, van de Vlekkelooze Deugd* waarin de achttiende eeuw nog zonder voorbehoud geloofde, die in de achttiende eeuw in zichzelf geloofde, de man, die; met zijn beginsel geen transactie duldt, zijn moeder ongetroost laat sterven, omdat ze van haar rijkdom maar negen tiende verzaken kon, wiens „Alles of Niets" als een vlammenzwaard door de wereld gaat, in de eerste plaats op zijn eigen borst gericht Daarom moet zijn kind sterven opde koude, vochtige plek, waar zijn arbeidsveld is, daarom moet zijn vrouw ten onder gaan, omdat bij zijn post niet

Sluiten